1. Een les die werkt!

Wil je prettig werken in een les en ervaren dat deelnemers daadwerkelijk iets leren? Werken met gemotiveerde deelnemers en zichtbaar resultaat? Vast! Maar hoe krijg je dat voor elkaar? In dit blok nodigen we je uit om terug te kijken op trainingen waar je zelf aan hebt meegedaan. Wat werkte daarin voor jou? Wat zijn belangrijke elementen in een goede training? 

Aan het eind van dit blokje kun je ten minste 5 succesfactoren noemen van een goede cursus.

Trainen is een vak. En dat kun je leren.

Je bent expert op jouw vakgebied en nu ga je anderen daarin trainen. Het is nog best lastig om jouw kennis en ervaring over te dragen op anderen. Daar komt eigenlijk een tweede vak bij: het trainersvak. Zorgen dat deelnemers jouw boodschap onthouden. Zorgen dat deelnemers actief en betrokken zijn. Wellicht ook omgaan met weerstand bij deelnemers.

Anderen trainen is een voortdurend leerproces. Daarbij is het belangrijk goed van jezelf te weten wat je er zo in aanspreekt. Wat maakt dat je jouw kennis en ervaring wil overdragen? Waar ligt je passie voor het vak van trainer? Wat boeit jou? Wat zie jij als een belangrijke uitdaging? In het volgende filmpje vertelt Karin de Galan, een zeer ervaren trainer, over haar passie voor het vak. Hoe ziet jouw filmpje eruit?

 

Welke training is jou bijgebleven? Haal die training eens terug in je gedachten. Wat sprak je aan? Wat was een waardevol element in die training? Deel 3 aspecten die volgens jou een training goed maken.

1. Van inhoud tot sfeer

We doen allemaal wel eens mee aan een training. En de kwaliteit kan sterk verschillen. De kwaliteit heeft bijvoorbeeld betrekking op:

  • de bekwaamheid van de trainer;
  • de groep deelnemers;
  • de inhoud van de les, cursus, training;
  • de mate van oefening en interactie die geboden wordt;
  • afwisseling in werkvormen;
  • tijdsplanning en ruimte in programma;
  • verbinding met de praktijk en vraagstukken daarin;
  • sfeer in de groep (veiligheid, vertrouwen, humor).

2. Focus, structuur, contact

Lees het artikel 'drie pijlers voor een geslaagde training'. Hier kun je het vinden. In het artikel komen drie pijlers aan de orde voor een geslaagde training: focus, structuur, contact. 

Vraag:

Maak nu een eigen lijstje met succesfactoren. Laat je inspireren door alle ideeën die je in de vorige oefening op de virtuele muur hebt gezien. En door wat je net hebt gelezen in het artikel. Hoe ziet jouw top vijf eruit?

 

3. Verbinding met de praktijk

Een veelbesproken punt bij een training is het rendement of de 'transfer': het daadwerkelijk toepassen van het geleerde in de werksituatie. De volgende situatie herken je vast:

Peter heeft vol enthousiasme meegedaan aan een training feedback geven. Zijn kennisniveau is vergroot en hij heeft vaardigheden ontwikkeld om op een juiste manier feedback te geven en te ontvangen. In verschillende rollenspellen heeft hij uitgebreid kunnen oefenen en aan het eind van de training ging het hem goed af. Hij gaat naar huis met in gedachten twee concrete situaties in het werk waarin hij de opgedane kennis en vaardigheden kan toepassen. Wat blijkt echter? De situatie in het werk was toch weerbarstiger. Zijn collega reageerde toch anders op de feedback dan hij in het rollenspel had ervaren. 

Wat kun je doen om de transfer zo groot mogelijk te maken? Een paar tips:

  • Zorg dat de leerdoelen een verbinding hebben met de praktijk van de deelnemers;
  • Betrek situaties uit de werkpraktijk in de training (cases, rollenspellen, als..dan discussies);
  • Nodig deelnemers uit om zelf situaties in te brengen;
  • Sluit de cursus af met concrete, behapbare voornemens;
  • Zorg, indien mogelijk, voor een follow-up na de trainingsdag.

4. Verschillende manieren van leren

Naast het volgen van een training zijn er nog allerlei andere vormen van leren. Je leert door nieuwe situaties in je werk tegen te komen. Maar denk ook maar aan de meester-gezel relaties die we al lange tijd toepassen. Charles Jennings heeft met het 70:20:10 principe de ratio tussen verschillende manieren van leren weergegeven. Bekijk het volgende filmpje eens:

Met het verzorgen van een training val je in de 10% formeel leren. Belangrijk is je te realiseren dat er andere vormen van leren zijn die de effectiviteit van de training kunnen vergroten. Vanuit de 70% kun je denken aan leren in netwerken, afkijken bij goede presteerders of gebruik van microlearning (Twitter of Yammer). Onder de 20% vallen leervormen als coaching, intervisie, feedback van collega's en klanten, nabespreken van een werkzaamheid met een collega. Ga voor jouw training eens na hoe je een klein beetje verbinding kunt maken met deze 70 en 20.

Jouw les of training

Nu gaan we de vertaling maken naar de training die jij gaat ontwerpen en verzorgen.

Vraag: Maak een top vijf van succesfactoren voor jouw of training. Wat zie jij als belangrijke aandachtspunten? Wat neem jij mee als criteria bij het ontwerpen?

 

Bedenk vervolgens per factor hoe je dit kunt vormgeven, implementeren. Schrijf dit voor jezelf op, zodat je het kunt gebruiken bij het daadwerkelijk ontwerpen van de training. Een paar voorbeelden ter illustratie:

Factor Wijze van vormgeven
Realistische tijdsplanning Maak een gedetailleerd draaiboek met activiteiten en tijdsinschatting. Plan koffie/thee pauzes en zorg voor extra ruimte in het programma. Check het draaiboek door voor de verschillende activiteiten in gedachten na te gaan hoe het zal verlopen.
Interactie Interactie kan zijn: mogelijkheid tot het stellen van vragen, een praktijkvoorbeeld inbrengen en bespreken, uitwisselen van kennis en inzichten tussen deelnemers. 
Gelegenheid tot oefenen Bij welke onderdelen in de les of training zijn vaardigheden belangrijk? Je zal bepaalde inhoud aanreiken, maar vaak heeft de deelnemer vaardigheden nodig om iets met die inhoud te doen. De deelnemer kan goed weten welke inhoud in een hypotheekakte dient te staan, maar het helder formuleren en uitleggen aan de klant vereist een bepaalde vaardigheid.
Verbinding met de praktijk Nodig deelnemers uit hun vragen te benoemen, een praktijkvoorbeeld in te brengen. Laat ze een realistische casus bespreken. Vraag ze materialen en voorbeelden uit hun praktijk mee te nemen naar de les of training. Overweeg hierbij om, zeker als een groep elkaar niet kent, gebruik te maken van succesvoorbeelden en -verhalen. Ook daar kun je heel veel van leren en voor deelnemers is het 'veiliger' om vanuit waardering iets in te brengen in de groep.

Samenvattend...

Je hebt je kort verdiept in de succesfactoren van een training. Die liggen vaak op het vlak van de inhoud, de structuur en de sfeer. Ook de vertaling naar de praktijk is belangrijk, en je hebt een paar tips gekregen om deze 'transfer' van het geleerde te bevorderen.

 

 

 

Jouw lijstje met succesfactoren neem je mee naar het volgende blokje, waarin we naar een deelnemersbril opzetten. Wie is jouw typische deelnemer? Wat weet jij over zijn of haar wensen? En hoe kunnen we hier in het ontwerpen van de training rekening mee houden?