HC Duitsland

HC Duitsland

Opstanden

  • Na enkele aanslagen op de keizer liet Bismarck wetten aannemen die gericht waren tegen de socialistische partij in Duitsland.
  • Matrozen in Kiel kwamen in opstand tegen de slechte omstandigheden op de Duitse schepen. De opstand sloeg over op het Duitse leger en veroorzaakte het aftreden van keizer Wilhelm II.
  • In Berlijn brak de Spartakus-opstand uit.
  • Adolf Hitler leidde een opstand tegen de Republiek van Weimar. Hij wilde gebruikmaken van de onrust die was ontstaan door de zware inflatie ten gevolge van de herstelbetalingen. De opstand mislukte en Hitler werd tot gevangenisstraf veroordeeld.
  • Na de Rijksdagbrand werden duizenden communisten gearresteerd die volgens de nazi's van plan waren een opstand tegen het bewind te beginnen.
  • De hoge militair Von Stauffenberg besloot een aanslag te plegen op Hitler nadat hij had gehoord dat de SS begonnen was Joden in Rusland massaal om te brengen. Hij werd samen met medeopstandelingen geëxecuteerd nadat de aanslag was mislukt.

Berlijn

  • Om de andere deelstaten niet voor de voeten te lopen roept Bismarck niet in Berlijn, maar in de Spiegelzaal in Versailles het keizerrijk Duitsland uit.
  • Verschillende afgevaardigden van Westerse landen komen bij elkaar in Berlijn om afspraken te maken over de verdeling van het Afrikaanse continent.
  • Een groep jonge communisten kwam in opstand tegen de nieuwe Weimarrepubliek en probeerde een radenrepubliek op te richten in Berlijn.
  • Om zijn plan om de Duitse economie uit de crisis te trekken toe te lichten, vliegt de Amerikaan Charles Dawes naar Berlijn waar hij een ontmoeting heeft met rijkspresident Ebert.
  • Rinus van der Lubbe, een Nederlandse communist, werd gearresteerd voor het in brand steken van het Rijksdaggebouw.
  • In een villa aan de Wannsee, vlak buiten Berlijn, werden afspraken gemaakt over de oprichting van vernietigingskampen voor het joodse deel van de bevolking van de bezette gebieden.

1871-1923

  • Door het sluiten van allianties probeert Bismarck zowel Duitslands positie in de wereld te versterken als het Europees machtsevenwicht te handhaven.
  • Door het aannemen van de Vlootwet krijgt keizer Wilhelm II de mogelijkheid een oorlogsvloot op te bouwen waarmee Duitsland met kon opnemen tegen Groot-Brittannië.
  • Door de Slag bij de Marne verandert de Duitse Blitzkrieg in een Sitzkrieg.
  • De nieuwe door de socialisten geleide regering roept de republiek uit en tekent twee dagen later een wapenstilstand in een treinwagon in Compiègne.
  • In Berlijn proberen de communisten Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht met een revolutie aan de macht te komen. Hun poging mislukt en beide Spartacisten worden gedood.
  • Mede onder invloed van de dolkstootlegende vragen opstandige militairen de radicaal-conservatieve Wolfgang Kapp als hun regeringsleider. Na een algemene staking gelast Kapp de staatsgreep af.

Hitler

  • Hitler wordt lid van de zojuist opgerichte Nazionalsozialistische Deutsche Arbeiterpartei (NSDAP).
  • In de gevangenis -waar hij een straf uitzit voor zijn bijdrage aan de mislukte staatsgreep in München - schrijft Hitler “Mein Kampf”, waarin hij zijn plannen met Duitsland ontvouwt.
  • Vanwege zijn verkiezingsoverwinning vraagt rijkspresident Von Hindenburg Hitler om rijkskanselier te worden van een coalitiekabinet.
  • Na de Rijksdagbrand laat Hitler de Kommunistische Partei Deutschland (KPD) verbieden.
  • Met de Machtingswet verschuift de macht van de rijksdag naar de rijkskanselier. Hitler kan nu zonder parlementaire toestemming regeren.
  • In Neurenberg worden tijdens een speciale zitting van de rijksdag, waarin alleen de NSDAP vertegenwoordigd is, de Neurenbergerwetten aangenomen.

Verloop WO-II

  • Na de inval in Polen verklaren Frankrijk en Groot-Brittannië de oorlog aan Duitsland.
  • Na de Duitse inval in de Sovjet-Unie verklaart Stalin de oorlog aan Duitsland.
  • Na de Japanse aanval op Pearl Harbor en de Duitse oorlogsverklaring sluiten de Verenigde Staten zich aan bij de geallieerden.
  • Bij de Slag om Stalingrad leidt het Duitse leger zijn eerste grote nederlaag.
  • Na de inval in Normandië wordt Frankrijk bevrijd en kan zich aansluiten bij de geallieerden.
  • Na de verovering van Berlijn vervangen de Russen de hakenkruisvlag door hun vlag met hamer en sikkel.

Duitsland en Rusland

  • Om Rusland te vriend te houden nodigt Bismarck de Russische tsaar uit voor het Congres van Berlijn, waar gesproken wordt over de situatie op de Balkan.
  • Na de moord op de Oostenrijkse kroonpins Franz-Ferdinand door de Serviër Prinzip staan Duitsland en Rusland, dat Servië steunt, vijandig tegenover elkaar.
  • Na de Russische Revolutie sluit Duitsland het vredesverdrag van Brest-Litovsk met de sovjet-regering onder leiding van Vladimir Lenin.
  • Om een onderlinge oorlog te voorkomen tekenen de Russische minister Molotov en de Duitse Von Ribbentrop een niet-aanvalsverdrag.
  • Na de Duitse inval in de Sovjet-Unie sluit Stalin zich aan bij de geallieerden om Hitler te verslaan.
  • De Duits-Russische confrontatie tijdens de Slag bij Stalingrad betekent de ommekeer in de oorlog.

Duitsland en Frankrijk

  • Duitsland vernedert Frankrijk door in Versailles de Pruisische koning Wilhelm I tot keizer van Duitsland uit te roepen.
  • Met zijn alliantiepolitiek probeert Bismarck een bondgenootschap tussen Frankrijk en Rusland te voorkomen.
  • Nadat België grotendeels was verslagen houden Franse troepen bij de Slag om de Marne de Duitse opmars tegen.
  • In het Franse Compiègne sluiten Duitsland en Frankrijk een wapenstilstand.
  • Omdat Duitsland achterblijft met de herstelbetalingen bezet Frankrijk het Ruhrgebied.
  • Na de inval in Polen verklaart Frankrijk op 3 september de oorlog aan Duitsland.

Beroemde mannen

  • Rijkskanselier Bismarck krijgt ruzie met keizer Wilhelm II en moet aftreden.
  • Generaal Von Schlieffen bedenkt een plan om een tweefrontenoorlog te voorkomen.
  • De Duitse socialistische regering onder leiding van rijkskanselier Ebert sluit een wapenstilstand met de geallieerden.
  • Propagandaleider van de NSDAP, Jozeph Goebbels, wordt minister van Volksvoorlichting en Propaganda, waardoor hij de leiding krijgt over pers, radio en film.
  • Na het overlijden van rijkspresident Von Hindenburg neemt Hitler deze functie over, maar laat zich voortaan Führer noemen.
  • Op 20 juli plaatst een jonge officier, de graaf Von Stauffenberg, een tijdbom in Hitlers hoofdkwartier, waarbij vier aanwezigen gedood worden, maar Hitler slechts enkele lichte verwondingen oploopt.