Toets

Wil jij ook die professionele kraamverzorgende zijn die handelt volgens de actuele inzichten? 

Test hier jouw kennis.

algemeen

Geef in onderstaande afbeelding de blinde vlek aan. Doe dit door met je muis te klikken op de juiste positie

De fundusstand

De kraamverzorgende controleert dagelijks de fundusstand. Direct na het uitstoten van de placenta bevindt de bovenzijde van de baarmoeder (fundus) zich meestal ter hoogte van de navel. Fysiologisch zakt de uterus daarna circa één vingerbreedte per dag. 

Door regelmatige controle kunnen afwijkingen bij het contraheren van de baarmoeder (uterus) in een vroeg stadium worden opgespoord en gerapporteerd. . 

Welke foto geeft een "volkomen stuitligging" weer?

Stuitligging

Stuitligging en uitwendig draaien van baby

Aan het einde van de zwangerschap liggen de meeste baby’s met het hoofdje naar beneden. Dit heet een ‘hoofdligging’. Als je baby met zijn billen naar beneden ligt noemen we dat een stuitligging. Een stuitligging geeft meer kans op complicaties tijdens en na de bevalling.

Babys bewegen regelmatig in het vruchtwater en veranderen vaak van ligging. Rond de 36 weken liggen de meeste babys in hoofdligging en nog 3-4% in stuitligging. Rond 30 weken ligt nog ongeveer 25% van de kinderen in stuitligging.

Ligt jouw baby in een stuit?

Met een liggingsecho kan je verloskundige zien dat je baby in een stuit ligt. Misschien heb je zelf al wel gekriebel of getrappel gevoeld in het bekken en zit het niet lekker omdat er boven in je buik iets duwt tegen je ribben en maag.

Oorzaak stuitligging

Ongeveer 3-4% van de ongeboren kinderen liggen aan het eind van de zwangerschap in stuit. Er is meestal geen oorzaak voor de stuitligging (85%). Wel komt een stuitligging vaker voor bij een meerlingzwangerschap, bij een placenta die voor de uitgang van de baarmoeder ligt en bij bepaalde afwijkingen aan de baarmoeder.

Verschillende soorten stuitligging

Onvolkomen stuitligging

De baby's benen liggen omhoog naast het lichaam, zodat de baby als het ware op zijn tenen kan sabbelen.

Volkomen stuitligging

De benen van de baby  zijn gebogen zodat de voeten bij de billen liggen (‘kleermakerszit’).

Half onvolkomen stuitligging

Eén been ligt gestrekt naar boven, het andere been ligt gebogen naar beneden.

Voetligging

Het kind ligt met één of beide benen gestrekt naar beneden, zodat één of twee voeten lager dan de billen liggen. 

Mogelijke complicaties bij een stuitbevalling

Bij een stuitligging is er meer kans op een keizersnede en op complicaties dan bij een hoofdligging, voor zowel jou als voor de baby. Daardoor is er meer kans dat je baby tijdelijk opgenomen wordt op de kinderafdeling.

Wat nu?

Als de baby in stuitligging ligt, dan zijn er 2 mogelijkheden:

  •  Afwachten: Mogelijk draait de baby nog spontaan naar hoofdligging. Die kans is wel klein als je 36 weken zwanger bent en wordt steeds kleiner. De hoeveelheid vruchtwater neemt dan af en de baby krijgt minder ruimte. Zo kan je baby steeds moeilijker bewegen.
  •  Uitwendige versie: Dit is het draaien van je kind met de handen aan de buitenkant van de buik van stuitligging naar hoofdligging. Als dat lukt kun je normaal bevallen en kiezen waar en hoe je wilt bevallen.

Bron: http://deverloskundige.nl/zwangerschap/subtekstpagina/173/stuitligging


Vul de ontbrekende woorden in

Het baarmoederslijmvlies of ook wel is de bedekkende laag van de binnenzijde van de baarmoeder.

De top van de baarmoeder wordt ook wel de genoemd

Door de blaas in de kraamtijd regelmatig te legen krijgt de baarmoeder meer ruimte om te contraheren of ook wel samentrekken. Daarom is het belangrijk dat de kraamvrouw zo snel mogelijk na de bevalling en in ieder geval binnen uur urineert. Na een bevalling wordt aandrang soms niet gevoeld. Laat de kraamvrouw daarom rustig op het toilet zitten en wachten op wat komen gaat. Als het urineren niet  lukt, moet de gewaarschuwd worden. Laat de kraamvrouw de eerste dagen iedere uur proberen te urineren. In ieder geval voor elke voeding van de baby

Vul de ontbrekende woorden in

Met de uitgerekende datum is de à terme periode te bepalen. Dit is een periode van vijf weken, waarin de bevalling over het algemeen het best kan plaatsvinden.

Deze periode is van drie weken vóór de uitgerekende datum tot en met twee weken daarna. Dat is dus de periode van een zwangerschapsduur van 37 tot en met 42 weken.


Vóór 37 weken zijn nog niet alle organen van de baby optimaal volgroeid en kan de baby te klein zijn om zelf zijn temperatuur goed te houden. Ook kan het drinken nog erg moeizaam gaan.

Als de zwangerschap langer dan 42 weken duurt, gaat de kwaliteit van de placenta achteruit. Hierdoor kan de baby te weinig voeding en zuurstof krijgen. Vanwege de extra risico’s wordt een bevalling vóór 37 weken of na 42 weken begeleid door een gynaecoloog.



Een partus à terme vindt plaats tussen week  en  van de zwangerschap.

Baby

Als de baby in diepe slaap is zie je het volgende

Hier vind je de theorie over de lichaamstaal van de baby 

  • Hij sabbelt nog op zijn speentje, oogjes zijn dicht en kan snel wakker worden.
  • Hij heeft de oogjes half open en staart met een lege blik.
  • Hij ligt ontspannen te slapen, speen valt uit de mond.

Wat is miliae?

  • puistje
  • rood vlekje
  • talgkliertje
  • sproetje
  • aardbeien vlekje

Bij welke van de onderstaande punten verloopt het oppakken en neerleggen van de baby vaak niet op de juiste wijze. (meerdere antwoorden mogelijk)

  • Ledikant
  • Kinderwagen
  • Wieg
  • Maxicosi
  • Wipstoel

sleep de juiste antwoorden bij elkaar

Reflexen

Direct na de geboorte wordt de baby onderzocht een paar reflexen bekeken om de neurologische toestand te beoordelen. Later verdwijnen deze reflexen. De drie waarnaar meteen na de geboorte wordt gezocht zijn de reflex van Moro, de grijpreflex en de voetzoolreflex. De baby heeft echter nog meer reflexen. U kunt ze vaak gemakkelijk zelf bij de baby opwekken. Deze reflexen verlopen ook buiten de wil om. Net als dat het geval is bij ons met de kniepeesreflex.

  • De reflex van Moro kan worden opgewekt door schrik, of door het hoofdje plotseling achterover te bewegen. Hierbij spreidt de baby de armpjes wijd uit en gaan ook de gesloten handjes open. Na een aantal maanden dooft de reflex uit zeggen we. Dat wil zeggen dat hij niet meer op te wekken is. Deze reflex zal de kinderarts doen bij een baby waarbij de schouder is blijven haken tijdens de geboorte. Als de reflex van Moro niet symmetrisch is duidt dit erop dat de zenuw in de schouder niet goed functioneert.
  • Door op het open handje te duwen, merk je dat de baby die hand dichtknijpt, als er druk op komt. De grijpreflex is heel sterk. Het is een reflex die echter ook na verloop van tijd verdwijnt. Het blijven bestaan van een grijprefelx is niet gewoon.
  • De voetzoolreflex is eigenlijk ook een grijprefelx van de voet. Door bijvoorbeeld met de duim op de onderzijde van de voorvoet te drukken zal je zien dat de teentjes worden gekromd. Het is een teken, dat de lange zenuwbanen van de baby naar de voet goed functioneren.
  • De zoek- en zuigreflex is belangrijk bij de voeding. Wanneer u het wangetje aan één kant zachtjes aanraakt, met uw vinger of tepel, zal de baby zijn hoofdje die kant opdraaien. Gelijktijdig doet het zijn mondje open. Als er iets bij de mond is gekomen, begint de baby daarop meteen krachtig te zuigen. Dit zuigen is anders dan de wijze waarop wij zuigen. De baby beweegt met zijn tongetje over de onderkant van de tepel en duuwt op die manier de melk naar achteren in de mond.
  • De slikreflex zorgt ervoor dat voeding die achterin het mondje of de keel komt op de juiste wijze wordt doorgeslikt.
  • De loopreflex is wel grappig om te zien. Ook deze reflex is meteen na de geboorte al aanwezig en dooft na een aantal weken uit. Als de baby onder de oksels vastgehouden met de voetjes op de onderlaag wordt gezet, begint een nogal groteske loopbeweging. Aan één kant trekt de baby een beentje hoog op, zet het behoedzaam neer en vervolgt dan weer met het andere beentje.
  • De nekstrek reflex valt ouders niet direct op terwijl je het baby’s wel voortdurend kan zien doen. Als de baby namelijk met zijn hoofdje naar rechts wordt gelegd, zal hij zijn rechter armpje en beentje uitstrekken en het linker armje en beentje buigen. Een wel handige reflex voor de baby, want op die manier komt hij in de gelegenheid om naar zijn handjes te kijken.

Bron: https://mijnkinderarts.nl/baby/onderzoek-baby-na-geboorte/reflexen/


  • Mororeflex
    schrikken, spreiden van armen en benen
  • Grijpreflex
    als je je vinger in hand of voetje legt, sluit de baby zijn vingers of teentjes er omheen
  • Babinski reflex
    bij het strijken onder de voetzool, zullen de teentje omhoog krullen en spreiden
  • zuig-zoek reflex
    als er over het wangetje wordt geaaid, draait het hoofdje daarna toe en gaat mondje open

Op welke afbeelding zie je miliae

Miliae: veel baby’s hebben rond de neus, op het voorhoofd en op de wangen kleine witte stipjes. Het zijn verstopte talgkliertjes die in de baarmoeder voor huidsmeer zorgen. Miliae is onschuldig en verdwijnt weer spontaan.


Wat geeft de baby aan als hij zijn oogjes gesloten houdt en zijn hoofdje afwendt?

Lees hier de theorie over de lichaamstaal van de baby

  • ik ben moe
  • spelletje loopt ten einde
  • het is genoeg, ik wil rust
  • het is een begroeting

Partus

Welke hormoon zorgt voor goede weeën?

De invloed van emoties op de bevalling

De start van de bevalling en de bevalling op zich worden beïnvloed door emoties. Tijdens de bevalling spelen verschillende hormonen hierbij een rol. Het ene hormoon heeft een positief effect op de baring, terwijl een ander hormoon de bevalling kan hinderen. De belangrijkste hormonen, die een invloed op de bevalling kunnen uitoefenen, zijn oxytocine en adrenaline.

Hormonen: 

Oxytocine

Tijdens de bevalling zorgt de druk van het hoofdje ervoor dat er oxytocine vrijkomt. Dit zorgt ervoor dat de baarmoeder samentrekt en dat de weeën uiteindelijk steeds krachtiger worden.  Ook zorgt oxytocine ervoor dat de baarmoederhals steeds verder open gaat. (la Leche League, s.a.; Bogaerts, Geerdens & Gooris, 2009).

Adrenaline

Adrenaline komt vrij als de vrouw psychische stress ervaart. De bevalling kan deze stress oproepen. Wanneer deze stress omslaat in paniek of angst, komt er een enorme hoeveelheid adrenaline vrij. Deze adrenaline zorgt voor een ‘vecht of vlucht’ reactie. De harstslag versnelt, de bloeddruk verhoogt en de weeën worden geremd. Wanneer de vrouw zich tijdens de bevalling dus flink gestrest voelt, kan dit er voor zorgen dat de bevalling stil komt te liggen. (Bogaerts et al, 2009).

Bron: https://dekritischeverloskundige.wordpress.com/2015/04/03/de-invloed-van-emoties-op-je-bevalling/

  • Oxytocine
  • Endorfine
  • Adrenaline
  • Oestrogeen

Wat wordt aangegeven met G2P1?

  • 2 zwangerschappen, 1 bevalling
  • 2 bevallingen, 1 zwangerschap
  • 1 zwangerschap, een tweeling

GVO

Met "Regelmaat" van de 5 R's wordt tegenwoordig bedoeld

De theorie over de 5 R's in het omgaan met de baby

  • Strikt om de 3 uur voeden, behalve 's nachts dan zit er 6 uur tussen.
  • Voor het slapen gaan geen drukke spelletjes meer doen met de baby.
  • Slapen/ ontwaken/ knuffelen /op schoot voeden moe/bed.
  • Slapen / ontwaken / voeden / knuffelen/op schoot moe/bed

Voor een goed herstel na de bevalling is het van belang dat:

  • 1. De kraamvrouw iedere dag een warme maaltijd eet met daarbij en beker groene thee om de opname van vitamine C te bevorderen. 2. Wanneer een kraamvrouw borstvoeding geeft is het advies om voldoende fruit te eten, drie stuks is dan ook niet overdreven.
  • 1. De kraamvrouw iedere dag een warme maaltijd eet met daarbij en beker groene thee om de opname van vitamine C te bevorderen.
  • 2. Wanneer een kraamvrouw borstvoeding geeft is het advies om voldoende fruit te eten, drie stuks is dan ook niet overdreven.
  • beide stellingen zijn onwaar

Op adequate wijze voorlichting, advies en instructie geven, gaat het best aan de hand van een stappenplan. Sleep de stappen van het stappenplan in de juiste volgorde.

  • Doelen stellen
  • Gedragsfactoren
  • Probleemanalyse
  • Voorlichtingsactiviteit uitvoeren
  • Evaluatie