Online training gymsporttrainers Sportstimulering Amsterdam

Welkom bij de online training voor gymsporttrainers van Sportstimulering Amsterdam. Deze interactieve online training bevat belangrijke informatie die je als trainer nodig hebt om op de juiste wijze les te kunnen geven binnen de gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s. De online training duurt ongeveer een uur. Je kunt de training op elk moment stoppen en op een later moment hervatten.

Inleiding

Leeswijzer

Als trainer heb je een belangrijk functie binnen de gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s. Doel van deze programma’s is om jeugd:

  • In beweging te krijgen en houden;
  • Hen sportmogelijkheden aan te geven;
  • En hen, waar mogelijk, te inspireren de stap te zetten naar lidmaatschap van een sportorganisatie.

Belangrijk hierbij is dat je inspeelt op de belevingswereld van de jeugd en het enthousiasme voor jouw sport weet over te dragen. Je staat als trainer voor de leuke en uitdagende opgave om de Amsterdamse jeugd te laten ontdekken hoe plezierig sporten kan zijn, vooral als je dit met regelmaat doet.

Deze handleiding bevat belangrijke informatie die je als trainer nodig hebt om op de juiste wijze les te kunnen geven binnen de gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s. Hij bestaat uit vijf hoofdstukken.

Het eerste hoofdstuk geeft een beeld van de gemeentelijke organisatiestructuur op het vlak van sport en de gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s.

In het tweede hoofdstuk worden de verantwoordelijkheden en taken van de, bij het sportstimuleringsproces, betrokken functionarissen beschreven en wordt jouw rol, als trainer, nader toegelicht.

In het derde hoofdstuk wordt jouw taak, als trainer, verder uitgediept. Hoe verhouden deze zich tot taken van andere functies, zoals van schoolcoördinatoren? En wat wordt er van jou, als trainer, verwacht en wat mag jij van anderen verwachten?

In het vierde hoofdstuk wordt de arbeidsrelatie besproken. Op welke manieren kan deze tot stand komen en welke regels en afspraken zijn belangrijk voor je?

Hoofdstuk vijf gaat over kwaliteitseisen aan trainingen, belangrijk om gestelde doelen te behalen. Welke dat zijn worden hier aangegeven.

Voor verdere vragen over deze handleiding of andere werk gerelateerde zaken kun je contact opnemen met je sportcoördinator.

Trainershandleiding

Wil je de trainershandleiding liever in één document lezen? Het document kun je hieronder vinden.

Trainershandleiding Sportstimulering Amsterdam 2017-2018DEF

Vraag t.a.v. Sportvisie

Tot wanneer is de Sportvisie beschreven?

  • 2020
  • 2025
  • 2030
  • 2035

Gemeentelijke sportorganisatie

Leidraad voor de gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s is de Sportvisie 2025. Het college van B&W en de stadsdeelbesturen hebben hun goedkeuring aan dit plan gegeven.

De kern van het  Amsterdamse sportstimuleringsbeleid ten aanzien van sportstimulering  luidt:

 Alle Amsterdamse kinderen genieten van sport en bewegen. Voor Amsterdammers met een achterstand of beperking biedt het brede scala aan sportaanbieders een passend sport- en beweegaanbod. In Amsterdamse wijken en buurten brengt sport plezier in het leven van alledag (Sportvisie 2025, gemeente Amsterdam 2017).

De afdeling Sportbeleid en - ontwikkeling maakt beleid op het gebied van de sport in Amsterdam en treedt op als regisseur. Zij werkt nauw samen met de stadsdelen, andere gemeentelijke organisaties en partners in de stad en geeft sturing aan de gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s.

  De gemeente Amsterdam, rve Sport & Bos, afdeling Sportstimulering zorgt, in nauw samenspel met de stadsdelen, voor de realisatie van dit beleid. Uitvoering krijgt vorm in verschillende sportprogramma’s, evenementen en regelingen. Verdere partners zijn de scholen, Brede Scholen, sportaanbieders (sportverenigingen, stichtingen, sportscholen en -bedrijven) en andere buurt- en welzijnsorganisaties.

Gemeentelijke sportstimuleringsprogramma`s voor de jeugd

De Sportvisie 2025 legt het  accent op het structureel in beweging en aan het sporten krijgen van de Amsterdammer.

Voor de jeugd onderscheidt de gemeente Amsterdam vier groepen:

  1. Inactieve jeugd (voldoen niet aan de beweegnorm);
  2. Actieve jeugd, die niet structureel (een keer per week) sport;
  3. Structurele sporters, niet aangesloten bij een sportorganisatie;
  4. Structurele sporters, wel aangesloten bij een sportorganisatie.

Met de inzet van de sportstimuleringsprogramma’s voor 4 t/m 12 jarigen (Jump-in, kennismaking- en naschools aanbod en toernooien) en Voortgezet Onderwijs (Topscore) wordt geprobeerd kinderen zich te laten verplaatsen van de ene groep richting de andere, van inactieve jeugd naar actieve jeugd of van structurele sporter niet aangesloten bij een sportorganisatie naar een structurele sporter wel aangesloten bij een sportorganisatie.  Het streven is om de groepen drie en (vooral) vier zo groot mogelijk te maken.

De jeugd zal gestimuleerd worden om zich aan te sluiten bij een sportorganisatie. Maar niet voor alle kinderen en tieners zal dit mogelijk zijn. Om deze reden wordt voor sommige doelgroepen minder accent gelegd op sportactiviteiten, die gekoppeld zijn aan doorstroming naar een sportorganisatie.

Differentiatie is dus nodig en heeft gevolgen voor de wijze van het benaderen en de aanpak van de verschillende groepen kinderen en scholen.

Aan het bovengenoemde proces zijn veel vragen gekoppeld, zoals:

  • hoe stimuleer en inspireer je kinderen/ jongeren?
  • hoe krijg je ze actief?
  • hoe houd je jeugd actief?
  • hoe stimuleer je kinderen/ jongeren en hun ouders lid te worden van een sportaanbieder?

Uitvoering geven aan deze  vragen is een hele uitdaging en opgave, vandaar dat inzet van gekwalificeerde en ervaren trainers gewenst is.

Sport & Bos, afdeling Sportstimulering en de stadsdelen zullen jullie, als trainers, hierbij ondersteunen, maar de uitvoering ligt met name in jullie handen.

Sportstimuleringsprogramma 4 t/m 12 jarigen

Het sportstimuleringsprogramma voor 4 t/m 12 jarigen richt zich op kinderen van Amsterdamse basisscholen. Het accent ligt hierbij op scholen waar de sportparticipatie laag is. Inactieve kinderen en niet-sporters stimuleren we tot bewegen.

Het doel van het programma is om kinderen te laten kennismaken met verschillende sporten, zodat ze enthousiast worden voor sport  en een sportief leven gaan leiden, bij voorkeur als lid van een Amsterdamse sportorganisatie.

Kennismakingslessen, naschoolse sportlessen, sportstimuleringstoernooien, buurtsportverenigingen, kleutersport, Jump-in fit en Gym+ aanbod zijn producten van het programma 4 t/m 12 jarigen.

Met het programma 4 t/m 12 jarigen wordt er vooral ingezet op de brede sportoriëntatie van kinderen. Na die periode kunnen kinderen zelf de keuze maken om door te stromen naar structurele sportactiviteiten van verenigingen en andere sportaanbieders in de buurt van de betreffende scholen, zodat kinderen hiervoor niet ver hoeven te reizen.

Soms zijn kennismakingslessen voldoende om kinderen door te verwijzen. Andere keren verdient het de voorkeur om hieraan een kort naschools traject te koppelen. Niet te lang, waardoor er veel kinderen gebruik van kunnen maken en er geen concurrentie met de activiteiten van de sportorganisatie ontstaat.

Om de overgang zo soepel mogelijk te laten verlopen worden scholen gestimuleerd leerlingen contributie te laten betalen voor naschoolse lessen en worden sportorganisaties gestimuleerd om een aangepast lidmaatschap voor starters aan te bieden.

Helaas is er niet altijd voldoende geschikt sportaanbod in ieder gebied. De stadsdelen en Sport & Bos, afdeling Sportstimulering zullen in een dergelijke situatie sportorganisaties proberen te stimuleren een dependance te vormen om zo wel een geschikt aanbod voor de jeugd aan te kunnen bieden. Ook kunnen ouders of trainers gemotiveerd en ondersteund worden om nieuw sportaanbod te creëren.

Naast kinderen zijn ouders een belangrijke doelgroep. Aandacht voor en informatie aan ouders is net zo belangrijk als volle groepen. Zij zijn het namelijk die de keuze voor een sport voor hun kinderen maken en die hun kind in alle opzichten moeten ondersteunen als hij/zij lid wordt van een sportorganisatie. Er wordt dan ook van trainers verwacht dat zij aandacht aan ouders geven. (Informatie over ouderparticipatie is op te vragen bij Sport & Bos, afdeling Sportstimulering Amsterdam).

Programma Jump-in

Jump-in is een programma binnen Sportstimulering 4 t/m 12 jarigen en is gekoppeld aan scholen waar verhoudingsgewijs sprake is van veel overgewicht onder de kinderen. Het is een preventief programma dat door middel van onder andere sport en bewegen in combinatie met een gezond eetpatroon overgewicht wil voorkomen. Op dit moment zijn er 115 deelnemende scholen en scholen die het programma afgerond hebben. Aan uitbreiding van dit aantal wordt gewerkt.

Jump-in kent acht doelen om een school te begeleiden richting een gezonde school.

Eén van die  acht doelen is het onderdeel sport en bewegen op school. De bedoeling is om aan (alle) kinderen die (nog) niet sporten een passend sport- en beweegaanbod aan te bieden. Hierdoor kunnen leerlingen op een laagdrempelige manier kennismaken met en deel nemen aan sport- en beweegactiviteiten. Om een passend sport- en beweegaanbod te kunnen aanbieden kan een school die het Jump-in programma volgt, gebruik maken van alle sportstimuleringsproducten van Sport & Bos, afdeling Sportstimulering en de stadsdelen.

Programma Topscore

De ambitie/ hoofddoelstelling van Topscore is: Een actieve leefstijl voor alle Amsterdamse jongeren. Er doen bijna 50 middelbare scholen mee met jaarlijks meer dan 3000 jongeren.

Als trainer of combinatiefunctionaris verzorg je promotielessen, uitdagende naschoolse trainingen, je deelnemers doen mee aan wedstrijden en showcases en je laat hen kennis maken met de sportaanbieders in de buurt.

Topscore heeft 3 hoofdonderdelen (interventies):

  • Topscore Regulier (Op school, na schooltijd sporten);
  • Topscore Plus (Op de sportclub, doorstromen naar de sportaanbieder);
  • Topscore Fit (Na schooltijd en onder schooltijd. Speciaal voor jongeren die net weer beginnen met bewegen en nog zoekend zijn welke activiteit bij hen past).

Doorstromen of niet

Jongeren in beweging krijgen met naschoolse lessen of jongeren laten doorstromen naar structurele sportbeoefening (vereniging of sportschool)  gaan hand in hand.

Voor een trainer kan dit verwarring veroorzaken; waar ben ik hier nu voor en op welke doelstelling word ik beoordeeld? Is dat de jongeren een leuke, sportieve tijd geven of is mijn doel ze te laten doorstromen? Het antwoord is simpel: beide.

Voor sommige jongeren is de vereniging of sportschool een stap te ver of niet interessant. Deze jongeren moeten met de naschoolse lessen van de interventie Topscore Regulier in 15 weken de ins en outs van een sport kunnen ervaren. In periode 1 of 2. Ontwikkeling van techniek, wedstrijden spelen en in contact komen met de juiste sportaanbieder hoort daarbij. Vinden ze het na deze 15 weken genoeg? Dan kunnen de deelnemers in de volgende periode weer voor een andere sport kiezen. Om “shopgedrag” en concurrentie met de sportaanbieders te voorkomen is het niet mogelijk om steeds dezelfde sport te kiezen. Vind een jongere de sport echt heel leuk dan zorg je er als trainer voor dat deze jongeren doorstromen naar de sportaanbieder in de buurt. Dit regel je samen met je sportcoördinator en de gymdocent van de school (Topscore Plus).

Twee doelgroepen in 1 groep

Het kan zijn dat je als trainer of combinatiefunctionaris één en dezelfde groep jongeren hebt die wil doorstromen en tegelijkertijd jongeren hebt die daar geen interesse in hebben. Voor jou als trainer ligt hier de uitdaging de gehele groep een uitdagende lessenreeks te bieden. Jij kan voor de jongeren die niet doorstromen “het zaadje planten”; wellicht zullen ze zich in een latere fase in hun leven door jouw georganiseerde trainingen herinneren en de sport zelfstandig gaan beoefenen. Natuurlijk is het mooi als de gehele groep door wil stromen, maar het is niet verplicht.

Randvoorwaarden voor doorstroming heb je op orde

De jongere staat centraal, van jou wordt verwacht dat alle randvoorwaarden die nodig zijn om te kunnen doorstromen, goed op orde zijn. Je communiceert duidelijk en frequent over de mogelijkheden van Topscore Plus, jij kent de doorstoomlocatie, je stelt de ouders op de hoogte van de mogelijkheden (met een brief) en jouw contact met de schoolcoördinator is goed.

Communicatie is heel belangrijk. Als trainer of combinatiefunctionaris moet je volledig op de hoogte zijn van de Topscore sportlijn van jouw sport:

Promotie >Topscore Regulier > Topscore Plus.  (Tip: check de menukaart van jouw sport online!)

Je wordt als Topscore trainer niet beoordeeld op hoeveel jongeren er doorstromen maar wel of je er alles aan gedaan hebt om doorstroming mogelijk te maken.

Voor meer informatie over het Topscore programma kijk op amsterdam.nl/topscore  

Functies binnen de Sportstimulering

Functies binnen de Sportstimulering

Binnen de gemeentelijke sportstimuleringsprogramma’s werken veel organisaties samen. Dat heeft tot gevolg dat er veel personen in verschillende functies bij betrokken zijn. Voor een optimaal resultaat is nodig dat taken en verantwoordelijkheden duidelijk liggen en iedereen zijn werk zo goed mogelijk uitvoert. Hieronder wordt kort toegelicht welke functies er zijn en welke verantwoordelijkheden hieraan gekoppeld zijn.

Sportmakelaar

De sportmakelaar kan in dienst zijn van het stadsdeel of medewerker zijn van een organisatie die in opdracht van het stadsdeel werkt. De sportmakelaar geeft vorm aan sport- en beweegplannen voor het stadsdeel, waarin hij/zij actief is.

De analyse van de sportmogelijkheden, van de doelgroepen  en van het type scholen in een stadsdeel vormt de basis voor het opstellen van de sport- en beweegplannen.

Voor het vaststellen van de sport- en beweegplannen per stadsdeel is de sportmakelaar eindverantwoordelijke. Sportcoördinatoren en schoolcoördinatoren ondersteunen de sportmakelaars hier wel mee en zijn adviserend.

Voor de uitvoering van de programma’s zijn sportmakelaars en sportcoördinatoren gezamenlijk verantwoordelijk.

De sportmakelaar is zowel verantwoordelijk voor de contacten met de schoolcoördinatoren van de scholen, alsook met de sportaanbieders en buurtorganisaties in zijn/haar stadsdeel.

Meestal is de sportcoördinator het eerste aanspreekpunt voor jou, als trainer.

Echter voor sporten die geen sportcoördinator hebben, kan de sportmakelaar ook jouw opdrachtgever zijn.

Sportcoördinator  

De sportcoördinator is verantwoordelijk voor een sport-specifiek programma stadsbreed in één of meerdere takken van sport. De sportcoördinator stelt samen met de sportmakelaar het sportprogramma per stadsdeel en school samen. De sportcoördinator is hierbij adviserend en ondersteunend.

Sportcoördinatoren zijn samen met de sportmakelaars verantwoordelijk voor de uitvoering van het sport- en beweegprogramma in hun tak van sport.

De sportcoördinator dient te zorgen voor een goed gevulde trainerspoule met trainers van goede kwaliteit. Zijn/haar taken liggen dus op het vlak van aanstellen, begeleiden en soms bijscholen van trainers. Daarnaast dient de sportcoördinator een goed netwerk binnen zijn tak(ken) van sport te onderhouden. Een netwerk waarin sportverenigingen, andere sportaanbieders en de sportbond zitten.

In de meeste gevallen is de sportcoördinator jouw opdrachtgever en eerste aanspreekpunt.

Echter er zijn soms uitzonderingen:

  • Wanneer er voor jouw sport geen specifieke sportcoördinator is dan is jouw contactpersoon een sportmakelaar of een medewerker van de afdeling Sportstimulering;
  • Wanneer de sportcoördinator ondersteuning krijgt voor de planning en controle van alle activiteiten. Hieronder zie je een lijst van de sporten waar je benaderd wordt door een andere persoon als het gaat om jouw planning, betalingen enz.

Schoolcoördinator 

Elke Jump-in en Topscore school heeft een contactpersoon die verantwoordelijk is voor de coördinatie van de verschillende activiteiten onder en na schooltijd. Deze contactpersoon, de schoolcoördinator, is in de meeste gevallen een docent lichamelijke opvoeding. De schoolcoördinator is verantwoordelijk voor het:

  • Plannen van de activiteiten in samenwerking met de sportmakelaar;
  • Vastleggen van accommodatie(s) van de school zelf;
  • Afstemmen met de roostermakers(s) en/of collega’s;
  • Verspreiden van programma informatie in school en onder de leerlingen;
  • Werven van  voldoende deelnemers;
  • Onderhouden van contact met de sportmakelaar en trainer over het verloop van de activiteit(en) en de deelnemers;
  • Onderhouden van contact met en uitnodigen van ouders;
  • Invoeren van de leerlingen in het leerlingvolgsysteem (Jump-in) of de Topscore medewerkerssite;
  • Ondersteunen van de trainer i.v.m. communicatie naar leerlingen en ouders toe.

Trainer

Jij staat als trainer voor de groep en bent hierom een hele belangrijke medewerker. Samen met de schoolcoördinator heb jij direct contact met de doelgroep: Jij verkoopt als het ware het product sport, maar bent ook diegene die hoort wat er gevraagd wordt door de doelgroep.

Jij laat de jeugd ontdekken wat sport is en hoe plezierig sporten kan zijn. Door in te spelen op de belevingswereld van de jeugd en door enthousiasme voor jouw favoriete sport over te dragen, kun je de jeugd in beweging krijgen. Jij kunt hen inspireren om de stap naar een leven lang sporten te zetten.

Je werkt hierbij samen met de schoolcoördinator, sportmakelaar en  een sportcoördinator. Welke taken jij als trainer moet uitvoeren wordt beschreven in het volgende hoofdstuk.

Vraag t.a.v. functies Sportstimulering

Plaats de antwoorden bij de juiste functies:

  • Sportmakelaar
    geeft vorm aan sport- en beweegplannen voor het stadsdeel, waarin hij/zij actief is.
  • Sportcoördinator
    is verantwoordelijk voor een sport-specifiek programma stadsbreed in één of meerdere takken van sport.
  • Schoolcoördinator
    contactpersoon die verantwoordelijk is voor de coördinatie van de verschillende activiteiten onder en na schooltijd.

Trainer

Taakomschrijving trainer

Als trainer is je primaire taak les- en leidinggeven aan kinderen en jongeren binnen het programma. Daarnaast begeleid je hen soms bij sportevenementen en naar sportactiviteiten toe.

Binnen jouw takenpakket zijn vijf onderwerpen te onderscheiden, te weten:

  1. Sporttechnisch aspect;
  2. Begeleiding;
  3. Rapportage;
  4. Communicatie;
  5. Ouderparticipatie.

De sporttechnische taak, het daadwerkelijke lesgeven, neemt de meeste tijd in beslag. Binnen het lesgeven wordt gewerkt aan de vier bouwstenen van de sport: techniek, tactiek, mentale ontwikkeling en uithoudingsvermogen.

In de sportstimulering is het vooral belangrijk om nadruk te leggen op een plezierige kennismaking met de sport. De jeugd moet enthousiast gemaakt worden voor een sport. Iedereen moet mee kunnen doen, dus de oefeningen dienen vooral niet moeilijk te zijn. Het aanleren van technische of tactische vaardigheden komt in een latere fase bij een sportaanbieder  meer aan bod.

De begeleidingstaak is gericht op het begeleiden van jeugd tijdens evenementen, als competities en toernooien. Maar ook bij het maken van een keuze voor een bepaalde tak van sport en sportorganisatie. Hiervoor is het van belang dat jij als trainer goed op de hoogte bent van de wensen van je deelnemers en hun ouders en dat je weet waar de sportorganisaties in de omgeving te vinden zijn. We verwachten van jou  dat je in gesprek gaat met je deelnemers en hun ouders om hen te motiveren voor een sport, c.q. deelname aan een sportorganisatie en om te horen waar zij behoefte aan hebben.

De rapportagetaak bestaat uit verslag doen van de voortgang van je activiteit(en). Regelmatige informatie van o.a. trainers is voor de gemeente Amsterdam belangrijk om te  bepalen of doelstellingen worden gehaald, je contactpersoon (sportmakelaar en of sportcoördinator) zal regelmatig vragen hoe je activiteit(en) verlopen.

De communicatieve taak bestaat uit het contact houden met deelnemers, maar ook met docenten van scholen en andere betrokken functionarissen bij het sportstimuleringsprogramma. We verwachten van je dat je op een correcte wijze contact onderhoudt en op een goede manier omgaat met de boodschap die de gemeente Amsterdam wenst uit te dragen.

Om je doelgroep goed te informeren, dien je soms input te leveren voor communicatiemiddelen als een website, posters, flyers, brieven. Als informatie namens Sport & Bos, afdeling Sportstimulering naar buiten gaat, laat voor het versturen of printen dan altijd eerst iemand van het team Communicatie hier naar kijken, want zij dragen hier namelijk de eindverantwoordelijkheid voor.

Ouderbetrokkenheid ontwikkelen is vooral van toepassing als je les geeft aan kinderen van 4 t/m 12 jaar. Ouders spelen namelijk in grote mate een rol bij de sportparticipatie en sportkeuze van hun kinderen. Als ouders niet enthousiast zijn voor de sport zal het een onmogelijke opgave worden om de kinderen aan het sporten te krijgen. Jij, als trainer, dient de sport aan ouders te verkopen. Samen met de sportmakelaar en/of sportcoördinator en schoolcoördinator creëer je oudermomenten in het programma, waarop jullie met ouders in gesprek kunnen gaan. Dit kan door ouders uit te nodigen om te komen kijken of naar een informatiemiddag te komen, of door speciale ouder en kind activiteiten te organiseren. Bij ouderbijeenkomsten zijn er vaak extra functionarissen of verenigingstrainers aanwezig. Van jou als trainer wordt verwacht dat je een bijdrage levert aan ouderbijeenkomsten en waar mogelijk in gesprek gaat met ouders om hen te informeren over de opzet van het traject en de sportmogelijkheden voor hun kind.

Voorbeeldfunctie trainer

Voorbeeldfunctie

Op zowel Jump-in scholen als daarbuiten zijn afspraken gemaakt over het eet- en drinkgedrag met de eigen leerlingen. Wij vragen jou om in je functie altijd het juiste voorbeeld te geven: Dus:

  • neem geen frisdranken/sapjes, energie of sportdranken, candybars of chips mee naar een les;
  • neem af en toe een stukje fruit mee;
  • drink zelf water tijdens de les en stimuleer kinderen om ook water te drinken, (met name tijdens een pauze of na de les).

Vraag t.a.v. voorbeeldfunctie

Wat kan je aan eten en drinken het beste meenemen naar een les om het juiste voorbeeld te geven? (meerdere antwoorden mogelijk).

  • Frisdrank
  • Fruit
  • Chips
  • Sap
  • Energiedrank
  • Groente
  • Water
  • Snoep
  • Sportdrank

Verantwoordelijkheid en procedures

Voorwaarden van aan-/afwezigheid

Als trainer heb je de belangrijke verantwoordelijkheid om het lesgeven veilig en verantwoord te laten verlopen, maar ook om de groep enthousiast te maken en houden. Continuïteit is daarbij erg belangrijk. Dus kom op tijd en zeg niet te eenvoudig af. Mocht het onverhoopt gebeuren dat je een training toch moet afzeggen, dan is het belangrijk dat je de juiste stappen neemt.

Voor het behalen van gestelde doelen is het van belang dat er een stabiele relatie wordt opgebouwd tussen de trainer en deelnemers. Afmelden kan dus alleen in uiterste noodgevallen!

Mocht je uitvallen en je weet dit vooraf, dan is het van belang de volgende stappen te nemen:

Neem contact op met degene die je aangesteld heeft voor de sportactiviteit. Dit is vaak de sportcoördinator, soms de sportmakelaar. Hij/zij zal dan vervanging proberen te regelen;

Mocht de sportcoördinator (of sportmakelaar) niet bereikbaar zijn, neem dan zo spoedig mogelijk telefonisch contact op met het secretariaat van Sport & Bos, afdeling Sportstimulering , via tel. 020 25 18200;

Je deelt hier mee dat je ziek of echt verhinderd bent en meldt dat de sportcoördinator niet bereikbaar was. Je vraagt de medewerker van Sport & Bos, afdeling Sportstimulering deze boodschap door te spelen aan de betreffende sportcoördinator of aan de programmacoördinator.

Val je onverhoopt uit op de dag van de activiteit?

Herhaal stap 1 en 2, zoals hierboven beschreven;

  1. Als de sportcoördinator of sportmakelaar niet bereikbaar is ga je in dit geval zelf direct in actie om vervanging te regelen. Gebruik hiervoor het overzicht van trainers, die de sportcoördinator jou gegeven heeft;
  2. Neem contact op met de schoolcoördinator om hen te informeren over je vervanger of om hen te vragen de leerlingen te informeren over je afwezigheid;
  3. Geef later aan je sportcoördinator of sportmakelaar door (wanneer ze wel te bereiken zijn) dat je de les niet kunt geven en laat weten of het gelukt is om vervanging te regelen;

Mocht de sportcoördinator nog steeds niet bereikbaar zijn, neem dan contact op met het secretariaat van Sport & Bos afdeling Sportstimulering Amsterdam,

  Tel. 020 251 8200.

Vraag t.a.v. afwezigheid bij uitval

Zet de stappen bij afwezigheid in de juiste volgorde:

  • Neem contact op met degene die je aangesteld heeft voor de sportactiviteit. Dit is vaak de sportcoördinator, soms de sportmakelaar.
  • Indien de sportcoördinator (of sportmakelaar) niet bereikbaar zijn, neem dan zo spoedig mogelijk telefonisch contact op met het secretariaat van Sport & Bos, afdeling Sportstimulering via tel. 020 25 18200 en ga je in dit geval zelf direct in actie om vervanging te regelen.
  • Neem contact op met de schoolcoördinator om hen te informeren over je vervanger of om hen te vragen de leerlingen te informeren over je afwezigheid;
  • Geef later aan je sportcoördinator of sportmakelaar door (wanneer ze wel te bereiken zijn) dat je de les niet kunt geven en laat weten of het gelukt is om vervanging te regelen.

Verschillende activiteiten

We onderscheiden promotie- / kennismakingactiviteiten, naschoolse lessen en overige activiteiten.

Sport & Bos, afdeling Sportstimulering heeft richtlijnen opgesteld t.a.v. het aantal uit te betalen uren per activiteit. Je bent zelf verantwoordelijk voor het correct bijhouden van deze uren. De sportcoördinator beoordeelt wekelijks of de uren aan de hand van aangegeven richtlijnen correct zijn ingevuld.

Promotie- en kennismakingactiviteiten

Promotieactiviteiten en kennismakingsactiviteiten vormen het eerste contactmoment met de doelgroep. Het is belangrijk om de kinderen/ jongeren enthousiast te maken voor jouw sport zodat zij zich willen inschrijven voor naschoolse activiteiten of aangeboden trainingen van de sportorganisatie.

De promotie-  en kennismakingsactiviteiten vinden meestal plaats tijdens de les bewegingsonderwijs. De school is eindverantwoordelijk en een docent van de school moet aanwezig zijn bij de lessen. Dit betekent dat je vaak lesgeeft aan grote groepen. Soms ondersteunt de vakdocent L.O. je hierbij.

Bij promotielessen op scholen van het Voortgezet Onderwijs komt het regelmatig voor dat je niet de hele les lichamelijke opvoeding, maar een gedeelte ervan overneemt.

De afdeling Sportstimulering streeft ernaar de lessen dusdanig te organiseren dat er geen of nauwelijks tussenuren in jouw rooster zitten. Indien dit afwijkt en dit is ons bekend, dan zullen wij jou daar tijdig van op de hoogte stellen.

De uren die vallen tussen de start- en eindtijd van aaneengesloten activiteiten kunnen worden gedeclareerd. Wij verwachten dat je minimaal één kwartier voor en een kwartier na lestijd aanwezig bent. Ook kun je een half uur declareren om:

  1. contact te onderhouden met de schoolcoördinator, sportaanbieders, sportmakelaar en sportcoördinator;
  2. je urenregistratie[1] bij te houden; 
  3. je lesvoorbereiding te maken;
  4. promotiematerialen voor je activiteit te organiseren;
  5. materialen voor je activiteit te organiseren.

Kleine pauzes tot een half uur worden door betaald. Pauzes langer dan een half uur in principe niet.

Naschoolse activiteiten

Wanneer na het promotietraject voldoende kinderen/tieners zich hebben ingeschreven voor naschoolse sport, kan er gestart worden met een vervolgtraject. Deze lessen worden in de regel direct na schooltijd gegeven. Deze activiteiten vinden op de schoollocatie of in de nabijheid van de school plaats.

Annulering van een activiteit

Activiteiten die binnen 48 uur voor de start van de zijde van de school worden geannuleerd, worden als gewerkte uren beschouwd. Voor de activiteiten die ruimer voor de start worden afgelast wordt een alternatief gezocht. Afgelaste activiteiten dienen te allen tijde direct gecommuniceerd te worden met je directe aanspreekpunt, de sportcoördinator of sportmakelaar.

 Overige activiteiten

Extra activiteiten worden veelal na een traject op school aangeboden. Deze activiteiten zijn een aanvulling op de reguliere naschoolse activiteiten. De extra activiteiten worden vastgesteld door de sportcoördinator of sportmakelaar.

Verzoeken van de school

Krijg je een verzoek van de school voor het uitvoeren van extra uren, bijvoorbeeld door de schoolcoördinator? Dan ben je verplicht dit te melden aan je opdrachtgever, de sportcoördinator of sportmakelaar. Zij zijn de enigen die jou opdracht kunnen geven voor het werken van extra uren.

Evenementen bezoeken

Krijg je een opdracht voor het bezoeken van een evenement? Dan wordt de twee derde regeling toegepast op de begeleidingsuren (voorbereidingstijd mag hier niet in worden meegenomen). Dit is enkel van toepassing als je meegaat als begeleider tijdens een evenement, waar leerlingen bezoekers zijn en geen deelnemer.

Mocht je meegaan als begeleider of coach van een wedstrijdteam dan gelden dezelfde regels als voor lesgeefactiviteiten.

Voor evenementen/toernooien mogen geen voorbereidingskosten gerekend worden.

Vergaderingen en trainersbijeenkomsten

Iedere trainer heeft recht op maximaal drie uur betaald overleg per schooljaar. In overleg met de sportcoördinator wordt het exacte aantal uren en de data bepaald.

Scholing

Bij scholingen wordt er vooraf door de sportcoördinator kenbaar gemaakt of er een betalingsregeling van toepassing is en hoeveel uren er eventueel gedeclareerd mag worden.

Voorbeelden van urenberekeningen

Promotie- en kennismakingslessen kunnen als volgt gedeclareerd worden:

Uren, die vallen tussen de start- en eindtijd van de lessen;

Eén kwartier voor en een kwartier na lestijd;

Een half uur voor overige taken, die aan een goede organisatie hiervan gekoppeld zijn.

Pauzes kunnen soms wel en soms niet gedeclareerd worden:

  • Korter dan een half uur duren, mag als werktijd geteld worden; 
  • Tussen de 30 en 60 min in principe geen werktijd (Uitzondering als er in overleg met de sportcoördinator een afwijkende regeling is afgesproken);
  • Pauzes langer dan 60 minuten worden nooit als werktijd gezien.



Voorbeeld bij één naschoolse les.

Vraag t.a.v. urenberekening

Stel je geeft twee naschoolse lessen van een uur achter elkaar. Hoeveel uur mag je dan declareren inclusief voorbereidingstijd, opbouw en afbouwtijd?

  • 2 uur
  • 2,5 uur
  • 3 uur
  • 3,5 uur
  • 4 uur

Arbeidsrelatie

Betaling voor de inzet kan op drie verschillende manieren: Je werkt als vrijwilliger via je vereniging, je werkt als zelfstandige of je hebt een dienstbetrekking bij een organisatie. Deze organisatie kan een uitzendbureau zijn, maar ook een vereniging, stichting of andere sportorganisatie. Op dit moment werken wij vooral met uitzendbureau Randstad samen.

De coördinator van jouw tak van sport begeleid je in de wijze waarop jouw arbeidsrelatie kan worden aangegaan.

Opzegtermijn

Zowel de trainer als Sport & Bos, afdeling Sportstimulering heeft de plicht om gemaakte afspraken na te komen. Er kunnen zich situaties voordoen waarin de trainer of Sport & Bos, afdeling Sportstimulering toch besluit voortijdig de werkzaamheden stop te zetten.

Als je als trainer wil stoppen met de activiteit dan verwachten wij van jouw dat je dit twee weken voor het stopzetten van de werkzaamheden meldt  aan je sportcoördinator.

Als de afdeling Sportstimulering of het stadsdeel beslist een activiteit stop te zetten, dan hebben zij de plicht om dit twee weken voor het stopzetten aan jou te melden. Bij het direct stopzetten van een activiteit dient er twee weken te worden door betaald. Beëindigen van een activiteit kan alleen plaats vinden na overleg met alle betrokkenen.

Rapportage

Binnen de afdeling Sportstimulering kennen we twee rapportagevormen: het leerlingvolgsysteem  & de Topscore medewerkerssite.

Presentielijst leerlingvolgsysteem & Topscore medewerkerssite

De presentielijst is een belangrijk instrument voor de trainer, maar is minstens zo belangrijk voor de rest van de organisatie. De presentielijsten worden namelijk gebruikt om deelnemersaantallen op stads- en stadsdeelniveau te analyseren. Maar ook voor het benaderen van de primaire doelgroep, namelijk de inactieve kinderen.

Deze instrumenten geven inzicht in het behalen van de doelstellingen. Daarnaast geven zij inzicht in de effectiviteit van het programma. Uiteindelijk worden deze resultaten gepresenteerd aan de beleidsafdeling van de gemeente en de Amsterdamse politiek.

Het kan zijn dat je gevraagd wordt om de digitale versie van de presentielijst bij te houden. Je ontvangt dan vooraf een gedetailleerde instructie van jouw contactpersoon.

Minimaregelingen

Als trainer bij Sportstimulering is het belangrijk dat je de op de hoogte bent van de verschillende minimaregelingen in Amsterdam.

De gemeente Amsterdam kent een aantal minimaregelingen die de sportparticipatie onder de jeugd uit minimahuishoudens moet verbeteren:

  • Via de Stadspas kunnen kinderen o.a. profiteren van sportaanbod waarbij het accent in het reguliere aanbod vooral ligt op kennismaking met diverse sporten. (dus dit betreft het reguliere aanbod vanuit de Stadspas)
  • De Scholierenvergoeding stelt ouders in staat om de contributie bij sportverenigingen te betalen maar ouders kunnen deze regeling ook gebruiken voor de bekostiging van andere activiteiten voor hun kinderen.
  • Het Jeugdsportfonds vergoedt de contributie van sportverenigingen en de benodigde sportattributen tot een totaal maximum van € 225,= per kind per jaar. Het Jeugdsportfonds werkt met intermediairs - tussenpersonen die professioneel in verbinding staan met het kind - zodat ouders niet direct een aanvraag kunnen doen. Het Jeugdsportfonds wordt vaak aangeduid als één van de minimavoorzieningen, het gaat hier echter om een onafhankelijke Stichting die grotendeels gefinancierd wordt met gemeentesubsidie. 
  • De pilot Stadspas sport is gestart op 1 september 2016 in experimentele vorm. Kinderen t/m 17 jaar kunnen op vertoon van een geldige Stadspas bij 60 sportaanbieders verspreid over de stad sporten. Deze regeling vergoedt (vanaf 1 september 2017) tot een maximum van € 300 per kind per jaar. Kinderen kunnen per jaar voor één sportaanbieder kiezen en kunnen halverwege het jaar niet overstappen naar een andere aanbieder.
  • Naast bovengenoemde stedelijke regelingen kent het Stadsdeel Nieuw-West een eigen contributieregeling voor kinderen wiens ouders gebruikmaken van de Voedselbank. Dit project wordt uitgevoerd in samenwerking met de lokale Voedselbank.

NB. de pilot stadspas vergoedt alleen de contributie met daarbij de aanvulling dat sommige clubs het sporttenue integreren in het contributietarief. Op dat moment wordt het dan wel vergoedt tot dat maximum! 

Kwaliteit en veiligheid training

Kwaliteit en veiligheid training

Kwaliteit en veiligheid van activiteiten heeft voor alle partijen hoge prioriteit. Daarom is inzicht in risicosituaties en grensoverschrijdend gedrag belangrijk. Om deze reden wordt het volgen van een cursus “in Veilige Handen” verplicht gesteld, naast het inleveren van een recente VOG en het ondertekenen van gedragsregels van het NOC*NSF.

Daarnaast zijn onderstaande aandachtspunten m.b.t. voorbereiding en uitvoering van de lessen belangrijk. Aan jou als trainer wordt gevraagd hieraan optimaal mee te werken.

Richtlijnen voor aanvang van lessenreeks

  • De trainer heeft een recente VOG “Verklaring Omtrent Gedrag” met profiel Onderwijs. Bij de start van de samenwerking mag de VOG niet ouder zijn dan 2 maanden. Een VOG geldt maximaal 3 jaar;
  • De trainer heeft de training “In Veilige Handen” gevolgd of heeft zich hiervoor in de nabije toekomst aangemeld.  Aanmelden kan via onderstaande link https://goo.gl/XLz8es ;
  • Trainer heeft de gedragsregels, opgesteld in samenwerking met NOC*NSF gelezen en ondertekend;
  • Er is voor aanvang van de lessen contact opgenomen met de contactpersoon op school (veelal de gymdocent, maar niet altijd);
  • Er is voor aanvang van de lessen kennis gemaakt met de docent L.O. en de leerlingen;
  • De rolverdeling met de docent lichamelijke opvoeding is ter sprake gebracht;
  • Er is een gemaakte lesvoorbereiding op de volgende punten: doelstelling, beginniveau van de leerlingen, lesstof, organisatie en tijdsplanning. Deze is gemaakt in afstemming met de docent L.O.;
  • De zaal en de beschikbare materialen zijn voor aanvang bekend en geregeld.

Richtlijnen voor de lesvoorbereiding

  • De lesvoorbereiding is aangepast op de beginsituatie, zoals besproken met de contactpersoon op school.

Tijdens de les

  • De trainer enthousiasmeert, motiveert en werft deelnemers voor de sport;
  • Er zijn afspraken gemaakt met betrekking tot de veiligheid. Materialen en zaal zijn gecontroleerd;
  • Gebruik de checklijst voor (sociale)veiligheid om de (sociale)veiligheid van jou maar ook van jouw leerlingen te controleren. Zie checklijst in de bijlage.
  • Er slingeren geen materialen rond in het leslokaal, die gevaar op kunnen leveren;
  • Leerlingen hebben hun sieraden afgedaan;
  • Instructies zijn kort en gericht op veel, zinvol en doelgericht bewegen;
  • Er wordt overzicht gehouden op de groep doordat de trainer zich aan de buitenste zijde van de zaal beweegt;
  • Er wordt bij het geven van een voorbeeld altijd rekening gehouden met de plaats van de trainer ten opzichte van de groep, zodat de trainer de groep te allen tijde duidelijk kan horen en zien;
  • Er wordt samen gewerkt met de docent lichamelijke opvoeding en/of collega-trainer;
  • Er wordt zoveel mogelijk gewerkt in subgroepen, zodat leerlingen kunnen werken op eigen instapniveau, eigen leersnelheid en/of samen kunnen werken;
  • De leerlingen worden concrete zaken van en over de sport aangeleerd via spelvormen die zo dicht mogelijk bij de echte sport staan;
  • Er wordt nagestreefd om deelnemers elke les de echte sport (of een minivariant daarvan) te laten ervaren;
  • De lessen worden zo gegeven dat ze als plezierig worden ervaren;
  • Je stem is qua volume, intonatie en woordkeus aangepast aan de doelgroep;
  • Er wordt een sfeer gecreëerd waarin de jeugd zich veilig voelt;
  • De deelnemers worden beloond voor goed (bewegings)gedrag met complimenten;
  • De persoonlijke vergelijking wordt benadrukt in plaats van de vergelijking met anderen;
  • Individuele doelen en uitdagingen worden benadrukt in de les;
  • Er wordt op een duidelijke en vriendelijke manier aangegeven welk gedrag wel en niet wordt getolereerd in de lessen;
  • De schoolcoördinator wordt betrokken bij het opleggen van sancties;
  • Water drinken wordt gestimuleerd;
  • Je hebt een sportieve en representatieve uitstraling, dit betekent dat je de juiste kleding aan hebt, verzorgd door de gemeente;
  • Je hebt aandacht voor differentiatie, methodiek en didactiek;
  • De leerlingen zijn  gewezen op de gemeentelijke websites;
  • Er is met ouders van deelnemers gesproken over het sportverleden, -heden en de toekomst van hun kind en de ouders zijn uitgenodigd  om te komen kijken en voor ouderbijeenkomsten;
  • De deelnemers en ouders worden  op de hoogte gehouden over het verloop  van het traject en het eventuele vervolg; 
  • De deelnemers en ouders worden gestimuleerd om met de  betreffende sport door te gaan bij een geschikte sportorganisatie.

Na de les

  • De lessen worden geëvalueerd met de vakdocent L.O.;

 Onregelmatigheden worden direct terug gekoppeld aan de opdrachtgever de sportcoördinator of sportmakelaar.

Vertrouwenscontactpersonen Sportstimulering Amsterdam

Amsterdam werkt aan een veilige sportomgeving. Bij veilige sport hoort ook de ondersteuning van trainers en combinatiefunctionarissen in het melden van ongewenste situaties bij kinderen of onveilige situaties voor jezelf als trainer.

Als trainer of combinatiefunctionaris kun je in aanraking komen met seksuele intimidatie, een onveilige lessituatie, pesten, dopinggebruik, discriminatie of ander ongewenst gedrag op school of op de vereniging. Heb je het gevoel dat er iets niet klopt? Je hoeft hier niet mee te blijven zitten. Je kunt daarmee terecht bij een van de vertrouwenscontactpersonen binnen Sportstimulering en Stichting Sportservice Amsterdam.

Wat is een vertrouwenscontactpersoon? 

Een vertrouwenscontactpersoon (VCP) is een eerste opvang-/aanspreekpunt voor trainers en combinatiefunctionarissen bij meldingen van ongewenste situaties. Je kunt contact opnemen met één van de vertrouwenscontactpersonen en een afspraak maken om je verhaal te doen. De VCP luistert, verwijst je, indien nodig, door naar de juiste instantie(s) en rapporteert richting het managementteam. Deze rapportages zijn geanonimiseerd. In het geval van een bedreigende situatie, vervalt deze anonimiteit.

Alle vertrouwenscontactpersonen zijn mobiel bereikbaar. Uiteraard proberen zij direct de telefoon aan te nemen. Lukt dit niet, spreek dan duidelijk je naam in en laat weten hoe en wanneer de VCP jou het beste kan bereiken of wanneer je zelf terugbelt. Bij spoed bel je altijd de (zeden)politie. Voor minder urgente zaken kun je contact opnemen met een van onderstaande vertrouwenscontactpersonen.

Wie zijn de vertrouwenscontactpersonen?

Cathelijne Koenen, Trainer en adviseur Veilig Sportklimaat, 06 1301 7576

Vanaf 19 november 2017 aangevuld door:

Philipp van Benthem, Adviseur Sportaanbieders, 06 5342 2026

Stephanie Brewster, Medewerker Planning & Ondersteuning, 020 262 1877

Deze vertrouwenscontactpersonen sport zijn bereikbaar via: [email protected]

Gymsporttrainers

Lessenreeks

Lessenreeks

Voor de naschoolse turnlessen hebben de combinatiefunctionarissen een lessenreeks ontwikkeld voor de naschoolse lessen. Voor trainers is de lessenreeks niet verplicht maar kan vooral als leidraad gebruikt worden. Niet alle gymzalen hebben altijd voldoende materialen. Je kunt de lessen daarom ook aanpassen waar nodig. De lessenreeks bestaat uit 10 lessen.


Lessenreeks Gymsport

Bijlagen voor de lessenreeks

Deel 1, shapes triple nine PDF versie

Deel 2, positions triple nine PDF versie

Deel 3, actions triple nine PDF versie

Diploma turnen en afsluiting

De diploma turnen oefenstof is ontwikkeld door de combinatiefunctionarissen turnen. De meeste naschoolse trajecten bevatten 10 lessen. De diploma oefenstof kan beoefend worden tijdens één of meerdere lessen tijdens het naschoolse traject. Tijdens de laatste les van een naschools traject kunnen de deelnemende kinderen hun diploma verdienen tijdens een diplomadag. Vervolgens worden de kinderen uitgenodigd om deel te nemen aan het Amsterdamse schoolkampioenschap turnen. Tijdens het schoolkampioenschap wordt de oefenstof van het diplomaturnen gebruikt. Het diploma turnen bestaat uit vijf verschillende onderdelen:

  • Sprong
  • Brug/rekstok
  • Balk
  • Vloer
  • Ringen

Bij ieder toestel zijn er drie niveaus die beoefend kunnen worden tijdens de lessen. Niveau 1 is het makkelijkste en niveau 3 het moeilijkste. Tijdens de diploma dag mag een kind één van de niveaus per toestel laten zien om zijn/haar diploma te verdienen.

Heb gebruik van diplomaturnen is niet verplicht. Het afsluiten van de naschoolse lessenreeks is wel verplicht.

De lessenreeks afsluiten kan op verschillende manieren:

- Diplomadag;

- Kijkles;

- Show

- Eigen keuze.

Tijdens de afsluiting kun je de ouders en leerlingen van het naschoolse traject informeren over het sportaanbod van de gymsportaanbieders.

Hieronder kun je de oefenstof van het diplomaturnen vinden:

Oefenstof diplomaturnen en AST

Hieronder kun je een voorbeeld vinden van een uitnodiging van een afsluiting:

Standaard afsluitingsles uitnodiging diplomaturnen + badge vanaf groep 3 PDF

Hieronder kun je een voorbeeld vinden van het diploma dat gebruikt wordt voor de afsluiting van een naschoolse lessenreeks:

Turndiploma

Doorstroming

Bij het verzorgen van lessen voor Sportstimulering is het goed om te weten waar gymsportaanbieders lessen aanbieden zodat je tijdens de lessen leerlingen kunt enthousiasmeren en doorverwijzen naar één van de gymsportaanbieders. Neem voor meer informatie contact op met de Sportcoördinator.

Vragen t.a.v. afsluiting

Bepaal of de stelling waar of onwaar is:

  • Het gebruik van de lessenreeks is verplicht
  • Het diploma turnen bestaat uit 5 toestellen
  • Het afsluiten met een diplomadag is verplicht
  • Het afsluiten van een naschoolse lessenreeks is verplicht

Tot slot

Je bent nu aan het einde van de online training gekomen. Indien je alle onderdelen goed afgerond hebt kun je de training afronden door op resultaat indienen te klikken. Stel daarna de Sportcoördinator ervan op de hoogte dat je de training afgerond hebt. Tot slot succes gewenst met het verzorgen van sportactiviteiten bij Sportstimulering.

Mocht je feedback of vragen hebben t.a.v. deze online training dan kun je contact opnemen met Paul Verheul, [email protected]