[NL] Algemene HACCP hygiëne training DBG

Welkom bij de algemene HACCP hygiëne training van Dutch Bakery Group! (=DBG)

In deze E-learning training zullen een aantal hygiëne- en bedrijfsregels worden uitgelegd. Na de uitleg zal er een vraag worden gesteld om te controleren of de uitleg is begrepen.

Algemene HACCP hygiëne

Bij welke locatie van DBG werkt u?

  • Waalwijk
  • Tilburg
  • Eindhoven
  • Alkmaar
  • Rijen
  • Budel

Kledingvoorschriften

In het productiegedeelte van DBG moet er zo hygiënisch en veilig mogelijk worden gewerkt. Om hiervoor te zorgen moeten alle personen in het productiegedeelte van het bedrijf de volgende items dragen:

1. Haarnetje

Het haarnetje moet al het hoofdhaar van de persoon bedekken. Daarnaast moet het haarnetje tot over de oren worden gedragen, ook als de persoon kaal is. Zodra het haarnetje is afgedaan moet het haarnetje worden gedeponeerd in de prullenbak en moet er bij het betreden van productie een nieuw haarnetje worden gepakt. Indien er een hoofddoek gedragen wordt, moet het haarnetje over de hoofddoek gedragen worden. Het gebruik van haarspelden is niet toegestaan.

2. Baardnetje

Een medewerker moet een baardnetje dragen zodra hij zich ’s ochtends niet heeft geschoren. Als het baardnetje wordt gedragen moet deze de snor- en baardharen volledig bedekken. Baardnetjes mogen maar eenmalig worden gebruikt.

3. Bedrijfskleding

Het is verplicht om schone bedrijfskleding en schoeisel te dragen welke door DBG worden verstrekt. Alleen de aanwezige bedrijfskleding van DBG mag in de productie worden gedragen. Het is niet toegestaan om met onbedekte benen de productieruimten te betreden.

De bedrijfskleding mag na werktijd niet mee naar huis worden genomen en moet in de was container worden gedeponeerd.

4. Omkleden

Bij het omkleden van privé- naar bedrijfskleding moet u erop letten dat u deze gescheiden houdt. Als u hiermee geen rekening houdt dan kunnen bijvoorbeeld de haren van uw privé kleding op uw bedrijfskleding terecht komen. Deze haren kunnen vervolgens weer in het product terechtkomen. Omdat dit niet hygiënisch is moet dit zoveel mogelijk worden voorkomen.

5. Werkschoenen

Er mogen alleen werkschoenen met een stalen neus worden gedragen. Zodra de stalen neus in de schoen beschadigd is of de schoenen sporen van slijtage tonen moeten deze schoenen worden verwisseld voor een nieuw paar. Werkschoenen mogen niet mee naar huis worden genomen.

Naast de hierboven genoemde beschermingsmiddelen stelt DBG gehoorbescherming ter beschikking om uw gehoor te beschermen. Uw gehoor kan namelijk beschadigd raken als u zich een bepaalde tijd in een luidruchtige ruimte bevindt.

U bent een vaste werknemer in de productieruimte. Welke kleding moet u dragen?

  • Schone bedrijfskleding die beschikbaar is gesteld door DBG.
  • Schone bedrijfskleding die beschikbaar is gesteld door DBG, een haarmutsje en werkschoenen.
  • Werkschoenen en een haarmutsje.

Geef aan welke van de drie beweringen juist is

  • De bedrijfs- en persoonlijke kleding hoeft u niet gescheiden te houden.
  • U hoeft geen bedrijfskleding te dragen als u schone privékleding draagt.
  • Beide antwoorden zijn niet juist.

Omgaan met verwondingen

Als u voor of tijdens het werk een wondje heeft gekregen dan is dat erg vervelend. Om ervoor te zorgen dat er met een pleister zo hygiënisch mogelijk gewerkt wordt, moeten de volgende handelingen worden uitgevoerd:

  1. Verwijder de pleister die thuis is opgeplakt. Indien de wond is ontstoken moet dit worden gemeld aan de leidinggevende.
  2. Plak een blauwe metaal detecteerbare pleister over de wond.
  3. Trek een handschoen met een afwijkende kleur over de pleister aan.
  4. Reinig en desinfecteer uw handschoenen.

Door het gebruik van de metaal detecteerbare pleister wordt het product waarop de pleister zich bevindt uitgestoten bij de metaaldetectie. Om te voorkomen dat de pleister losraakt, moet er een handschoen met een afwijkende kleur over de pleister worden aangetrokken. De handschoenen en pleisters dienen regelmatig vervangen te worden.

Wat doet u zodra u begint met werken?

Net voordat u moet gaan werken heeft u zich verwond aan uw hand. U heeft over de kleine wond een pleister geplakt.

  • Een handschoen met een afwijkende kleur over de pleister aantrekken.
  • Een blauwe metaal detecteerbare pleister over de originele pleister plakken.
  • De pleister vervangen voor een blauwe metaal detecteerbare pleister en een handschoen met een afwijkende kleur aantrekken.

Dragen van sierraden en andere persoonlijke eigendommen in productie

In de productie mogen er geen sierraden worden gedragen en moet u uw persoonlijke eigendommen in de kluisjes achterlaten. Dit betekent dus dat onder andere horloges, alle soorten ringen inclusief trouwringen (ook gladde), oorbellen, armbanden, piercings (alle soorten) en spelden niet gedragen mogen worden in de productie.

Brillen en contactlenzen zijn noodzakelijke optische hulpmiddelen en worden niet als sieraad beschouwd. Bij vermissing van optische hulpmiddelen of delen daarvan dient direct de leidinggevende op de hoogte te worden gesteld.

Het dragen van opnameapparatuur zoals mobiele telefoons, camera’s of recorders in de productie is ten strengste verboden, mits er toestemming is van de bakkerijmanager.

Welke van de volgende beweringen is juist?

  • U moet sierraden, persoonlijke eigendommen en apparaten waarmee foto’s of opnames kunnen worden gemaakt in uw kluisje bewaren als u de productie betreedt.
  • U mag gebruik maken van uw mobiele telefoon als u even niets te doen heeft in de productie.
  • U mag een gladde trouwring dragen in de productie als u daar een handschoen overheen aantrekt.

Handen wassen

Een van de belangrijkste taken van u als medewerker van DBG is hygiënisch werken. Het wassen van de handen is hierbij een heel belangrijk onderdeel. Het wassen van de handen is belangrijk om ervoor te zorgen dat producten die binnen de DBG worden geproduceerd veilig zijn om te eten door jong en oud. U dient uw handen altijd te wassen bij binnenkomst van de productieruimte, ook als u net uw handen heeft gewassen in de kleedruimten.

Hiernaast ziet u een plaatje van hoe u het beste de handen kunt wassen.

Voorbeelden van momenten waarop u verplicht bent uw handen te reinigen en desinfecteren zijn als volgt:

  1. Aan het begin van uw werkdag
  2. Voor- en nadat u pauze gaat houden, bij bezoek kantine en nadat u gerookt heeft
  3. Na het gebruik van het toilet
  4. Bij het betreden van de inpakafdeling
  5. Als u in uw handen of handschoenen heeft gehoest of geniest
  6. Bij vervanging van uw handschoenen
  7. Als u dit al enige tijd niet heeft gedaan
  8. Bij vervuilde handen
  9. Als u in contact komt met afval of de vloer
  10. Na het werken met reinigingsmiddelen

Etc.

Geef aan welke stellingen juist zijn:

Hieronder worden een aantal stellingen gegeven over het wassen van de handen. Geef aan welke stellingen correct zijn. Hierbij kunnen meerdere antwoorden goed zijn.

  • De handen dienen gewassen te worden na een bezoek aan het toilet.
  • De handen dienen gewassen te worden na het desinfecteren van de handen.
  • De handen dienen gewassen te worden na het bereiden van een deeg.
  • De handen dienen gewassen te worden bij het betreden van de high risk ruimte
  • De handen dienen gewassen te worden bij aanvang van het werk.
  • De handen dienen gewassen te worden na het sjouwen van dozen.
  • De handen dienen gewassen te worden na een bezoek aan de kantine.

Hoe kunt u het beste uw handen wassen?

  • Maak je handen nat onder warm water en pak vervolgens zeep, wrijf je handpalmen tegen elkaar, wrijf tussen de vingers, wrijf over de vingers, wrijf over de nagels en handpalm, wrijf de duimen in de handpalm en wrijf de vingertoppen in de handpalm. Droog de handen met een papieren handdoek.
  • Pak zeep uit de zeepdispenser, wrijf de zeep tussen de handpalmen, tussen de vingers en over de duimen. Droog de handen met een papieren handdoek.
  • Pak zeep uit de zeepdispenser, wrijf je handpalmen tegen elkaar, wrijf tussen de vingers, wrijf over de vingers, wrijf over de nagels en handpalm, wrijf de duimen in de handpalm en wrijf de vingertoppen in de handpalm.

Nagels

In de ruimte tussen de nagels en uw huid kan er veel vuil komen te zitten. Als u uw nagels niet goed schoonmaakt dan is het mogelijk dat de micro-organismen die in het vuil zitten ervoor zorgen dat het product bedorven wordt voordat de houdbaarheidsdatum (THT) is bereikt. Bij lange nagels kan het gebeuren dat deze afbreken en in het product terecht komen waardoor de consument afkeer tegen het product krijgt en het product niet meer wilt kopen. Om ervoor te zorgen dat de genoemde situaties niet gebeuren zijn er hygiëneregels over dit onderwerp opgesteld.

Uw nagels moeten:

  • Niet bedekt zijn met kunstnagels en/of andere versieringen;
  • Niet gelakt zijn;
  • Kort zijn geknipt;
  • Schoon zijn.

Het dragen van handschoenen met een afwijkende kleur betekent niet dat deze regels niet gevolgd hoeven te worden.

Voldoen de nagels op de foto hierboven aan de hygiëneregels van DBG?

  • Ja, zolang de handen maar goed gewassen worden.
  • Nee, de nagels zijn te lang en vies.
  • Er zijn geen regels met betrekking tot de nagels.

Ongedierte

Het hebben van ongedierte in een productiebedrijf is een groot probleem voor de kwaliteit van de producten. Om ongedierte zoveel mogelijk tegen te houden heeft DBG regels opgesteld om de kans op ongedierte zo klein mogelijk te houden.

Als productiemedewerker kunt u er ook voor zorgen dat ongedierte zo min mogelijk kans heeft om in het bedrijf te komen. De manieren waarop u dit kan doen, zijn als volgt:

  • Ramen mogen alleen open als ze voorzien zijn van een hor.
  • Door afvalzakken meerdere keren per dag naar de container te brengen en niet te wachten totdat deze volledig is gevuld.
  • Het goed afsluiten van afvalbakken, -persen en -containers.
  • De producten niet op de grond te leggen, maar op een pallet, dolly of onderzetter.
  • Met enige regelmaat uw werkplek opruimen.
  • Geopende grondstofzakken afsluiten.

Op welke manieren kunt u de kans op ongedierte in de productie verkleinen?

Geef aan welke stellingen juist zijn. 

  • Door buitendeuren zo kort mogelijk open te houden.
  • Door tijdelijke (improvisatie) prullenbakken te maken.
  • Door afvalcontainers, afvalpersen en afvalbakken goed af te sluiten.
  • Door producten niet direct op de grond te plaatsen.
  • Het is niet mogelijk om de kans op ongedierte te verkleinen.
  • Door ramen in de kleedkamers open te zetten.

(Sporen van) ongedierte in productie

Terwijl het bedrijf ongedierte zoveel mogelijk probeert te weren kan het voorkomen dat er ongedierte in de fabriek is gekomen. Als u (sporen van) ongedierte in de productie tegenkomt dan moet u dit direct melden aan uw leidinggevende. De leidinggevende gaat hierop direct actie ondernemen zodat dit probleem wordt opgelost.

Het is belangrijk dat het zien van (sporen van) ongedierte direct worden gemeld zodat de ongedierte de voedselveiligheid niet in gevaar kunnen brengen.

Wat moet u doen als u sporen van ongedierte vindt?

U ziet een aantal uitwerpselen van ongedierte in de productie.

  • Als deze op mijn werkplek liggen dan maak ik aan het einde van mijn werkdag een melding bij mijn leidinggevende.
  • Als deze niet op mijn werkplek liggen hoef ik geen actie te ondernemen.
  • Ongeacht waar de uitwerpselen liggen meld ik het direct bij mijn leidinggevende.

Roken, snoepen en eten in productie

In het productiegedeelte van de fabriek is het niet toegestaan om te eten, snoepen, roken of medicijnen te gebruiken. Het gebruik van keelsnoepjes, kauwgom e.d. wordt ook gezien als snoepen.

Als u tijdens uw werktijd medicatie moet innemen dan mag dit enkel gebeuren op kantoor of in de kantine in overleg met uw leidinggevende.

Geef aan welke van de volgende producten er in de productie geconsumeerd mogen worden.

  • Keelsnoepjes en kauwgom
  • In de productieruimtes mag geen enkel product geconsumeerd worden
  • Medicijnen

Alcohol en verslavende middelen

Het is niet toegestaan op het werk alcohol en/of verdovende middelen te gebruiken, of onder invloed daarvan het bedrijf te betreden. Indien u deze middelen bij u heeft en/of in uw kleedkamerkastje heeft liggen, worden daarvoor passende sancties aangesteld en direct doorgevoerd. Een uitzondering op het verbod van alcoholische dranken in verantwoordelijke mate, zijn uitsluitend door de directie bepaalde bijzondere gelegenheden. Overtreding van deze regels kan ontslag op staande voet tot gevolg hebben.

Wanneer is het toegestaan alcoholische dranken te nuttigen?

  • In de pauze
  • Een uur voor werktijd
  • Door de directie bepaalde bijzondere gelegenheden

Noem 5 dingen die fout gaan in de bovenstaande foto.

Allergenen

Allergenen zijn stoffen die een allergische reactie kunnen opwekken bij mensen die daarvoor gevoelig zijn. Voor sommige allergenen is dit risico levensbedreigend.  Op de foto hiernaast is een voorbeeld van een allergische reactie te zien. De klachten die op kunnen treden lopen erg uiteen. Een aantal voorbeelden van klachten zijn: Misselijkheid, diarree, uitslag, vochtophoping, kortademigheid of een anafylactische schok. Dit laatste is de meest ernstige reactie die op kan treden met mogelijk zelfs de dood als gevolg. Elk voedingsmiddelenbedrijf moet volgens de wet de 14 wettelijke allergenen vermelden op het etiket van een product. De 14 wettelijke allergenen zijn:

  • Gluten
  • Ei
  • Pinda
  • Soja
  • Melk
  • Selderij
  • Sesam
  • Lupine
  • Noten
  • Mosterd
  • Sulfiet
  • Schaaldieren
  • Schelpdieren
  • Vis

Indien een allergeen aanwezig is in een product dan dient er na productie van dit product schoongemaakt te worden. Daarnaast wordt er apart schoonmaakmateriaal gebruikt voor producten met bepaalde allergenen.

Waarom is het belangrijk dat allergenen vermeld worden op het etiket wanneer ze aanwezig zijn in voedingsmiddelen?

  • Het is van belang om alle ingrediënten te vermelden op het etiket.
  • Omdat mensen die gevoelig zijn voor allergenen een allergische reactie kunnen krijgen wanneer zij producten consumeren met deze allergenen.

Verschillende mogelijke gevaren

In de productieruimten kunnen vele verschillende gevaren ontstaan. Hieronder staan een aantal mogelijke gevaren met voorbeelden. 

Fysische afwijkingen:

Onder fysische afwijkingen worden vreemde voorwerpen verstaan. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Product eigen voorwerp: stukje bot, pitten of steeltjes
  • Product vreemd voorwerp: glas, hard plastic, metaal, plastic, haren, sieraden

Chemische afwijkingen:

Onder chemische afwijkingen wordt bijvoorbeeld reinigingsmiddelen of antibiotica verstaan. Andere voorbeelden zijn resten van reinigingsmiddelen wanneer niet goed wordt nagespoeld na reinigen, smeermiddelen of vet.

Microbiologische afwijkingen:

Onder microbiologische afwijkingen worden bedorven producten verstaan. Een gevolg hiervan kan voedselvergiftiging zijn. Besmetting kan bijvoorbeeld plaatsvinden wanneer handen niet goed zijn gewassen.

Allergenen:

Allergenen kunnen een gevaar vormen wanneer bijvoorbeeld kruisbesmetting plaats vindt. Dit kan voorkomen doordat bijvoorbeeld machines/materialen niet goed schoongemaakt zijn.

Food security:

Onder Food Security vallen de termen Food Defense (voedselverdediging), Food Fraud (voedselfraude) en Food Safety (voedselveiligheid).

Food Defense staat voor het beveiligen van het productieproces tegen opzettelijke besmettingen, vernielingen en sabotage. Een voorbeeld hiervan is een persoon met een emmer schoonmaakmiddel die continue om zich heen aan het kijken is om te kijken of hij/zij alleen is. Zodra hij/zij alleen is voegt de persoon het schoonmaakmiddel toe aan het product waardoor de consumenten die het product eten ziek worden.

Voedselfraude is een verzamelnaam van opzettelijke vervalsing of besmetting, met als motivatie economische belang. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld regulier vlees dat verkocht wordt als beter leven vlees of reguliere eieren die verkocht worden als biologische eieren.

Food Safety is het onbewust besmetten van voeding.

Als productiemedewerker is het uw taak om personen die zich verdacht gedragen aan te spreken en deze te begeleiden naar de kantine of het kantoor. Als u de persoon liever niet aanspreekt dan moet u de verdachte situatie direct bij uw leidinggevende melden. U dient alle verdachte situaties ten alle tijden te melden bij uw leidinggevende!

Het is belangrijk dat u of een andere medewerker de verdachte persoon niet uit het oog verliest en altijd direct actie onderneemt, ook als u deze persoon op een werkplek ziet waar u niet aan het werk bent!

Welk van onderstaande gevaren zijn een chemisch gevaar?

  • Antibiotica en reinigingsmiddelen
  • Hard plastic, bedorven product en glas
  • Reinigingsmiddel, oorbel in een product en stukje glas

Wat doet u?

U ziet een persoon die zich verdacht gedraagt in de productie.

  • U meldt de verdachte situatie direct bij uw leidinggevende of spreekt de persoon aan en begeleidt hem/haar naar de kantine of het kantoor.
  • U houdt de persoon in de gaten maar gaat verder met uw werk.
  • U doet niets, deze persoon zal niets verkeerd doen.

Meldingsplicht onregelmatigheden

Om te voorkomen dat de kwaliteit van het product en de product- en persoonlijke veiligheid in gevaar worden gebracht geldt er in het bedrijf een meldingsplicht. Indien er een situatie optreedt waarin dit gebeurt, hoort u dit direct aan uw leidinggevende te melden. Onder de onregelmatigheden worden de volgende situaties verstaan:

  • Overlopen van grondstof, halffabricaat of eindproduct uit de lijn.
  • Technische storingen.
  • (On)bewuste menselijke fouten.
  • Sabotage van machines en apparatuur.
  • Onprettige situaties (Discriminatie, (seksuele) Intimidatie etc.).

Een voorbeeld van een dergelijke situatie is het zien van een persoon die (on)bewust een foute instelling heeft ingevoerd in een machine.

Iedere werknemer, die misstanden signaleert, heeft de plicht deze te melden. Het melden van een misstand (of een redelijke verdenking daarvan) kan persoonlijk, schriftelijk, telefonisch of per e-mail gedaan worden. Er bestaat het recht om alvorens een melding te doen advies in te winnen over hoe een melding gedaan moet worden. Hiertoe kan de vertrouwenspersoon benaderd worden. De melding moet zo gedetailleerd mogelijk aan de ontvanger gemeld worden. Bij de melding moet vermeld worden: de misstand, de reden van de melding, de achtergronden, de omstandigheden alsmede data, plaatsen en bij voorkeur met namen.

Misstanden melden kan bij:

  • De directie. De directie heeft de verplichting elke melding te onderzoeken en passende maatregelen te treffen. 
  • De vertrouwenspersoon productintegriteit. Wanneer de melder een drempel voelt om de misstand bij bovenstaande personen te melden, kan de vertrouwenspersoon worden ingeschakeld.
  • Anoniem melden. Meldingen kunnen ook anoniem gedaan worden per brief naar het hoofdkantoor van DBG, Kronosstraat 2 5048CE Tilburg ter attentie van de productintegriteitsfunctionaris.

Indien nodig kunt u bij uw leidinggevende navragen wie de vertrouwenspersoon is. Alle meldingen worden vertrouwelijk behandeld.

De directie kan niet toestaan dat werknemers opzettelijk meldingen indienen waarvan zij weten of geacht mogen worden te weten dat deze onjuist zijn. Valse meldingen kunnen gevolgen hebben voor de werknemer.

Waarom moeten onregelmatigheden direct gemeld worden aan uw leidinggevende of ander persoon?

  • Om ervoor te zorgen dat er hygiënisch gewerkt kan worden.
  • Om ervoor te zorgen de kwaliteit van het product en de product- en persoonlijke veiligheid niet in gevaar worden gebracht.
  • Onregelmatigheden hoeven niet gemeld te worden.

Claims

Bij DBG wordt met Beter Leven vlees, het RSPO keurmerk en biologisch keurmerk gewerkt.

Indien producten verkocht worden aan afnemers met Beter Leven vlees dan dient dit logo op de verpakking te staan. Zie de foto hiernaast. Het Beter Leven keurmerk is een initiatief van de Dierenbescherming. Het keurmerk geeft aan dat de leefomstandigheden van deze dieren beter zijn geweest. Hoe meer sterren op het keurmerk staan, hoe diervriendelijker het dier gehouden is.

Bij de productie van biologisch voedsel wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met milieu en dierenwelzijn. In allerlei voorschriften is vastgelegd wat daaronder wordt verstaan. Het instituut Skal controleert of de voorschriften worden nageleefd. Voorbeelden van biologische verwerking zijn het gebruiken van zoveel mogelijk biologische ingrediënten en het niet gebruiken van chemische kleur-, geur-, en smaakstoffen. Daarnaast mag bijvoorbeeld tijdens de teelt geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt worden en geen kunstmest. Hiernaast wordt het biologisch keurmerk weergegeven.

RSPO staat voor Roundtable on Sustainable Palm Oil. Dit is een duurzaamheidsstandaard voor palmpit en palmolie. Het keurmerk geeft aan dat minimaal 95% van de palmolie in het product duurzaam is geproduceerd. DBG koopt haar grondstoffen in met RSPO-certificatie.

De traceerbaarheid van de producten wordt gewaarborgd met behulp van vier modellen: Book and Claim, Mass Balance (MB), Segregated (SG) en identity Preserved (IP). DBG toont doormiddel van massabalans (MB) en ingangscontrole aan dat de grondstoffen RSPO certificaten hebben. Massabalans palmolie wordt geleverd via het massabalans systeem. Deze palmolie wordt fysiek verscheept naar de locatie waar het wordt verwerkt. Door middel van een administratief systeem kan worden aangetoond waar deze palmolie is verwerkt. Segregated palmolie is duurzame palmolie die volledig gesegregeerd wordt geoogst en verscheept. Deze palmolie wordt van de bron, de plantage tot en met het laatste verwerkingsstadium volledig gescheiden vervoerd, opgeslagen en verwerkt.

Wat houdt RSPO in?

  • RSPO betekend dat het product biologisch is.
  • RSPO betekent dat de leefomstandigheden van de dieren beter zijn geweest.
  • RSPO is een duurzaamheidsstandaard voor palmpit en palmolie.

Registratie en tracering

Een onderdeel van voedselveiligheid is dat voedsel getraceerd kan worden. Het is van belang dat DBG snel en nauwkeurig producten uit de handel kan halen indien er sprake is van een gevaar voor de volksgezondheid. Met tracering kan achterhaald worden wanneer en welke grondstoffen en verpakkingen zijn gebruikt voor een eindproduct, wanneer en welke eindproducten naar welke afnemers zijn gegaan, wat er nog op voorraad is bij DBG na een eventuele recall, etc. De traceerbaarheid wordt geborgd door goede codering bij ontvangst en tijdens productie.

Het is dus van groot belang dat registratielijsten goed en volledig ingevuld worden. Op deze manier kunnen grondstoffen, eindproducten en verpakkingen ten allen tijden goed getraceerd worden.

Welk van de volgende stellingen zijn juist?

  • Met tracering kan achterhaald worden wanneer en welke grondstoffen en verpakkingen zijn gebruikt voor een eindproduct.
  • Het is belangrijk dat ik de traceerbaarheidsformulieren goed invul zodat alle grondstoffen die gebruikt zijn tijdens productie terug getraceerd kunnen worden naar de eindproducten.
  • Tracering is van belang zodat duidelijk is wat er nog op voorraad is bij DBG na een eventuele recall.

Infectiegevaar

Indien men aan een besmettelijke ziekte lijdt of een drager is van een ziekte of aandoening die via voedsel overdraagbaar kan zijn, zoals: geelzucht, diarree, overgeven, koorts, keelpijn met koorts, zichtbaar geïnfecteerde huidplekken, lopend(e) oor, oog of neus of zeer besmettelijke ziekten van gezinsleden of naaste omgeving is men verplicht dit voorafgaand aan de werkzaamheden aan uw leidinggevende te melden. Snuiten of hoesten boven onbeschermde voedingsmiddelen is verboden. Indien u terugkeert na ziekte ten gevolge van bovengenoemde ziekten, dan moet u dit aan uw leidinggevende melden alvorens u weer aan het werk gaat. Indien u op vakantie bent geweest naar tropische oorden dan dient u dit voorafgaand aan uw werkzaamheden te melden bij uw leidinggevende.

Mag u meteen weer aan het werk?

U bent één dag ziek thuis geweest omdat u koorts heeft gehad.

  • Ja
  • Ja, maar ik moet dit melden aan mijn leidinggevende zodat hij eventueel vervangend werk voor mij heeft.

Bedrijfsregels

Omgaan met pompwagens en hef- en reachtrucks

De organisatie DBG vindt het zeer belangrijk dat alle werknemers op een veilige manier zijn of haar werk moeten kunnen uitvoeren.

In delen van de productie wordt er gebruik gemaakt van elektrische pompwagens, hef- en reachtrucks. Om de kans op ongevallen zo klein mogelijk te houden zijn er een aantal regels opgesteld over het omgaan met pompwagens en hef- en reachtrucks.

  • U mag niet “steppen” op een normale pompwagen.
  • U mag ten allen tijde niet op de lepels van de pompwagens en hef- en reachtrucks staan.
  • U mag niet onder de elektrische pompwagen en hef- en reachtrucks doorlopen als deze de lepel omhoog heeft.
  • U mag alleen de hef- en reachtruck besturen als u hiervoor een geldig certificaat heeft.
  • Als u de claxonnerende pompwagen of truck niet ziet, maar wel hoort moet u aan de zijkant van de gang wachten totdat u deze heeft gezien en is gepasseerd.
  • Zorg voor (oog)contact met de bestuurder van de elektrische pompwagen, hef- of reachtruck als u er achterlangs moet lopen.

Geef aan welke van de volgende beweringen juist of onjuist zijn

  • Iedereen mag een hef- en reachtruck besturen zolang hij/zij maar goed oplet.
  • Als u elektrische pompwagen, hef- of reachtruck hoort toeteren moet u aan de zijkant van het pad wachten totdat deze is gepasseerd.
  • U mag op de lepels van de (normale) pompwagen staan als u hierdoor sneller te kunnen werken.

Messenbeleid

Op locaties waar het gebruik van een mes nodig is om de werkzaamheden uit te voeren zijn er messen beschikbaar gesteld door het bedrijf. Het is niet de bedoeling dat u messen gebruikt die niet beschikbaar zijn gesteld door DBG!

Als u tijdens uw werkzaamheden gebruik maakt van een mes dan moet u het mes controleren op slijtage. Een aantal voorbeelden van slijtage zijn:

  • Roestvorming.
  • Afbreken van het mes.
  • Bot worden van het mes.
  • Losraken van onderdelen van het mes.

Mocht u een van deze vormen van slijtage op het mes tegenkomen dan moet het mes direct ingeleverd worden bij uw leidinggevende.

Welke messen mogen binnen DBG worden gebruikt?

  • Eigen messen en de uitgedeelde messen door DBG die geen sporen van slijtage vertonen.
  • Eigen messen die geen sporen van slijtage vertonen.
  • Uitgedeelde messen door DBG die geen sporen van slijtage vertonen.

Correct labelen van (gebruikte) grondstoffen

Het labelen van (gebruikte) grondstoffen of halffabricaten wordt gedaan om ervoor te zorgen dat een product geïdentificeerd kan worden. Op het label van open grondstoffen en gemaakte halffabricaten moeten minimaal de volgende gegevens worden gezet:

  • Productnaam of receptnummer.
  • Productiedatum.

Naast deze gegevens moeten de open producten afgedekt worden zodat ze niet uitdrogen en er geen productvreemde delen in kunnen vallen. De producten mogen niet direct op de grond geplaatst worden.

Welke eisen worden er gesteld aan producten die in de koeling worden geplaatst?

U moet van uw leidinggevende een product in de koeling plaatsen zodat deze op een later tijdstip kan worden gebruikt.

  • Het product moet afgedekt zijn. Daarnaast moet er een productnaam of receptnummer op het product staan.
  • Het product moet afgedekt en gecodeerd zijn, van de vloer afstaan, er moet een productnaam of receptnummer en een productiedatum op het product staan.
  • Er moet een barcode en een productiedatum op het product staan.

Veiligheid

Wanneer er een calamiteit (een gebeurtenis, ongeval, ernstig voorval of bedreiging die invloed kan hebben op de werkzaamheden en/of personen) plaatsvindt, moet deze zo goed en veilig mogelijk bestreden worden. Hiervoor zijn een aantal BHV-ers aanwezig bij DBG.

In geval van brand met grote omvang moet dit direct bij uw leidinggevende gemeld worden en deze kan de brandweer/politie waarschuwen. Vervolgens wordt een BHV-er gewaarschuwd door uw leidinggevende. De BHV-er voert de nodige taken uit met betrekking tot het ontruimingsplan. Zorg ervoor dat de telefoonlijnen open blijven zodat deze bereikbaar blijven.

In geval van evacuatie of een gaslek moet u uw leidinggevende waarschuwen en deze zorgt ervoor dat de shiftmanager en/of de bakkerijmanager gewaarschuwd worden. U moet op uw plaats blijven en instructies opvolgen van uw leidinggevende/ de BHV-ers en/of de aanwezige brandweer.

In geval van een bommelding probeert u zoveel mogelijk informatie los te krijgen met betrekking tot de plaats en aard. Waarschuw uw leidinggevende en deze waarschuwt een BHV-er. Zorg ervoor dat niemand het gebouw ingaat. Het is belangrijk dat er geen portofoons of telefoons gebruikt worden. Deze apparaten kunnen andere signalen verstoren en/ of in het ergste geval de bom af laten gaan.

Indien u door uw leidinggevende en/ of BHV-er te horen krijgt dat er geëvacueerd moet worden dan moet u naar de verzamelplaats gaan. De verzamelplaats is aangegeven met een bord zoals op de foto. Vraag na bij uw leidinggevende waar de verzamelplaats is of kijk op de aanwezige noodplannen.  

Wat doet u?

Stel u bent productiemedewerker en er breekt in de productieruimte brand uit.

  • Ik bel direct de brandweer
  • Ik waarschuw mijn leidinggevende
  • Ik waarschuw een BHV-er

Opruimen van gemorste producten en/of glas

Tijdens uw werkzaamheden kan het gebeuren dat u per ongeluk iets omstoot. Om de kans op glij- en valpartijen zo klein mogelijk te houden moet u direct actie ondernemen om de veiligheid van iedereen te waarborgen.

Als de gemorste hoeveelheid klein genoeg is om met een veger en blik op te ruimen dan moet u dit direct doen. Als het product op de grond ligt hoort u na gebruik de gebruikte materialen aan de schoonmaker aan te bieden zodat de gebruikte materialen worden gereinigd, alvorens het materiaal opnieuw gebruikt mag wordt.

Mocht het zo zijn dat de gemorste hoeveelheid te groot is om snel met een veger en blik op te ruimen dan dient u de schoonmakers in te lichten en uw collega’s te waarschuwen voor dit gevaar.

Glas/hard plastic:

Wanneer er glas of hard plastic breekt, kapot gaat of ontbrekende delen bevat, moet de leidinggevende hiervan ingelicht worden. Als de breuk plaatsvindt in de buurt van de productielijn moet de lijn gestopt worden. Alle werknemers aanwezig in de ruimte waar de breuk plaats heeft gevonden, moeten in deze ruimte blijven. Op deze manier wordt voorkomen dat er delen glas of hard plastic verder verspreid worden. Blokkeer producten die in aanraking zijn gekomen of waarvan mogelijk is dat ze in aanraking zijn gekomen met delen glas of hard plastic. Ruim het gebroken glas of plastic voorzichtig op met speciale schoonmaakmaterialen. Wanneer de omgeving schoongemaakt is, moet het geïnspecteerd worden om zeker te zijn dat alles opgeruimd is.

Geef aan welke van de drie beweringen juist is

U bent werkende in de productie en u mag van uw leidinggevende pauze gaan houden. Bij het verlaten van uw werkplek stoot u een hard plastic schaal met een kleine hoeveelheid bloem om en dit valt op de grond.

  • Ik meld dit direct bij mijn leidinggevende. Ik zorg dat de productielijn wordt gestopt en al mijn collega’s in de ruimte blijven zodat er geen hard kunststof kan verspreiden. Ik ruim het gebroken hard kunststof en de bloem op met speciaal schoonmaakmateriaal. Als het opgeruimd is en de ruimte is geïnspecteerd door mijn leidinggevende bied ik de gebruikte materialen aan bij de schoonmakers en ga ik pauze houden.
  • Ik ruim de bloem en schaal direct op zodat mijn collega’s niet uit kunnen glijden. Als het opgeruimd is bied ik de gebruikte schoonmaakmaterialen aan bij de schoonmakers op en ga ik pauze houden.
  • Ik ga pauze houden en ruim het na mijn pauze op.